wetzoeker

paragraaf 2.1 — Koninkrijks belang c.q. belang van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba (staatsbelang, economisch en cultureel) Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Koninkrijks belang c.q. belang van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba (staatsbelang, economisch en cultureel)

– echtgenoten, partners in een in het Europese deel van Nederland erkend geregistreerd partnerschap en partners met een naar Nederlands recht opgesteld samenlevingscontract van Nederlands diplomatiek personeel;

– personen die voor uitoefening van een functie in het bezit moeten zijn van de Nederlandse nationaliteit (bijvoorbeeld voor een functie bij de politie, marine, land- of luchtmacht). In gevallen waarin de Nederlandse nationaliteit is vereist voor het kunnen volgen van een opleiding voor een dergelijke functie, zal toepassing van artikel 10 RWN afhangen van de vraag of het betreffende vakministerie aangeeft dat reeds met de toelating tot deze opleiding van de persoon een Koninkrijksbelang c.q. belang van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba belang)is gediend. Daarnaast zal betrokkene moeten aantonen dat hij na verkrijging van de Nederlandse nationaliteit tot de opleiding wordt toegelaten;

– personen die in het kader van hun werkzaamheden voor bedrijven die voor de economie van Bonaire, Sint Eustatius of Saba groot belang zijn en aantoonbaar veel hinder ondervinden bij de uitoefening van de functie als gevolg van het niet bezitten van de Nederlandse nationaliteit;

– het kunnen deelnemen als vertegenwoordiger voor het Koninkrijk c.q. de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Sabaaan internationale concoursen, conferenties, organisaties, tentoonstellingen, sportwedstrijden (voor de toepassing van artikel 10 RWN voor topsporters wordt verwezen naar paragraaf 3);

– het kind van zestien of zeventien jaar, voor wie medenaturalisatie wordt verzocht, van een ouder die als vertegenwoordiger van het Koninkrijk c.q. de openbare lichamenBonaire, Sint Eustatius of Saba de Nederlandse Antillen naar het buitenland vertrekt, waarbij de ouder vanwege gewichtige redenen van staatsbelang met toepassing van artikel 10 RWN zal worden genaturaliseerd en waarbij het noodzakelijk is dat het kind met deze ouder meereist. In deze situatie kan het kind van zestien jaar of ouder met toepassing van artikel 10 RWN delen in de verlening van het Nederlanderschap aan de ouder ondanks dat het niet ‘een onafgebroken periode van ten minste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek toelating en hoofdverblijf heeft’, zoals bepaald in artikel 11, derde lid, RWN. Voor de duidelijkheid: van de overige in artikel 11, derde lid, RWN gestelde voorwaarden, te weten dat het kind ‘sedert het tijdstip van het verzoek toelating voor onbepaalde tijd en hoofdverblijf heeft’ en dat ‘op hem geen afwijzingsgronden van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, RWN met inbegrip van het tweede lid van dat artikel, van toepassing is’ kan niet worden afgeweken.

Indien in deze gevallen een gemotiveerd beroep wordt gedaan op artikel 10 RWN wordt het betreffende vakministerie verzocht te adviseren omtrent de vraag of met de naturalisatie van de persoon een Koninkrijksbelang c.q. een belang van Bonaire, Sint Eustatius of Saba is gediend. Bij een positief advies van het vakministerie kan de persoon, nadat de Raad van State is gehoord, aan de Kroon worden voorgedragen voor verlening van het Nederlanderschap. Bij een negatief advies van het vakministerie wordt het verzoek afgewezen.

Regeling
Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Afkortingen
HRWN-BES
Soort
circulaire-BES
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0028778
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl