wetzoeker

Artikel 394 Burgerlijk Wetboek BES Boek 8

Overeenkomst van goederenvervoer over zee

1 De afzender is verplicht de vervoerder omtrent de zaken alsmede omtrent de behandeling daarvan tijdig al die opgaven te doen, waartoe hij in staat is of behoort te zijn, en waarvan hij weet of behoort te weten, dat zij voor de vervoerder van belang zijn, tenzij hij mag aannemen dat de vervoerder deze gegevens kent.

2 De vervoerder is niet gehouden, doch wel gerechtigd te onderzoeken of de hem gedane opgaven juist en volledig zijn.

3 Is bij het verstrijken van de tijd, waarbinnen de zaken ter beschikking van de vervoerder moeten zijn gesteld, door welke oorzaak dan ook, niet of slechts gedeeltelijk voldaan aan de in het eerste lid genoemde verplichting van de afzender, dan is, behalve in het geval van tijdbevrachting, artikel 392, tweede, derde, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Burgerlijk Wetboek BES Boek 8
Afkortingen
BW BES Boek 8
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0028753
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl