wetzoeker

Artikel 363 Burgerlijk Wetboek BES Boek 2

Bijzondere bepalingen voor splitsingen waarbij een naamloze of besloten vennootschap wordt gesplitst of opgericht

1 De akte van splitsing kan bepalen dat de aandeelhouders van de splitsende vennootschap aandeelhouder worden van een groepsmaatschappij van een verkrijgende vennootschap. Zij worden dan geen aandeelhouder van die verkrijgende vennootschap.

2 Zulk een splitsing is slechts mogelijk, indien de groepsmaatschappij alleen of samen met een andere groepsmaatschappij alle aandelen van de verkrijgende vennootschap houdt. Het eerste tot en met het vierde lid van artikel 346 en artikel 361 zijn op het besluit van de groepsmaatschappij van overeenkomstige toepassing.

3 De groepsmaatschappij die de aandelen toekent geldt naast de verkrijgende vennootschap als partij bij de splitsing. Op haar rusten de verplichtingen die ingevolge de artikelen 340 tot en met 360 op een verkrijgende rechtspersoon rusten, met uitzondering van de verplichtingen uit de artikelen 345, 346 en het tweede en vierde lid van artikel 350; voor de toepassing van het vierde lid van artikel 359 blijft zij buiten beschouwing; de artikelen 352, 353 en het zevende lid van artikel 354 gelden voor haar niet. Het tweede lid, onder b, van artikel 340, het derde lid van artikel 356 en het eerste lid, onder b, van artikel 357 gelden alsdan niet voor de verkrijgende vennootschap.

Regeling
Burgerlijk Wetboek BES Boek 2
Afkortingen
BW BES Boek 2
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0028744
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl