wetzoeker

Artikel 299a Burgerlijk Wetboek BES Boek 1

Voogdij door de rechter opgedragen

1 Degene die met instemming van de voogd een minderjarige in zijn gezin – anders dan uit hoofde van een ondertoezichtstelling of een voorlopige toevertrouwing aan de voogdijraad – ten minste een jaar heeft verzorgd en opgevoed, kan de rechter in eerste aanleg verzoeken hem, dan wel een rechtspersoon als bedoeld in artikel 302, tot voogd te benoemen.

2 Indien de minderjarige door meer dan een persoon als behorende tot het gezin wordt verzorgd en opgevoed, kan het verzoek slechts door dezen gemeenschappelijk worden gedaan.

3 Het verzoek kan ook worden gedaan door de voogdijraad.

4 De rechter willigt het verzoek slechts in, indien hij dit in het belang van de minderjarige acht en hem genoegzaam is gebleken, dat de voogd niet bereid is zich van zijn bediening te doen ontslaan. Alsdan benoemt hij bij voorkeur degene wiens benoeming wordt verzocht tot voogd, mits deze bevoegd is tot uitoefening van de voogdij.

5 Is het bij het eerste lid bedoelde verzoek gedaan, dan blijft artikel 336a, tweede lid, buiten toepassing, totdat op het verzoek bij gewijsde is beslist.

Regeling
Burgerlijk Wetboek BES Boek 1
Afkortingen
BW BES Boek 1
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0028743
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl