wetzoeker

Artikel 6 Wet tot inschrijving van arbeidskrachten 1945 BES

1 Het is den werkgever verboden een arbeider in zijn dienst te hebben, die niet voldoet aan het gestelde in artikel 3, lid 1, dezer wet.

2 De werkgever is verplicht binnen acht maal vier en twintig uren, nadat hij een arbeider in zijn dienst heeft genomen, hiervan melding te maken in het werkboekje van den arbeider. Deze verplichting bestaat niet, indien de dienstverhouding minder dan zes achtereenvolgende dagen (Zon- en feestdagen niet medegerekend) heeft geduurd. Indien de werkgever den dag van indiensttreding heeft ingeschreven, moet hij ook den dag van uitdiensttreding inschrijven. Onder feestdagen worden ten deze verstaan de Nieuwjaarsdag, Goede Vrijdag, Christelijke tweede Paaschdag, Hemelvaartsdag, Christelijke tweede Pinksterdag, verjaardag van de Koning en de beide Kerstdagen.

3 Ingeval van overlijden van den werkgever en in alle gevallen, waar deze in de onmogelijkheid zou zijn om in het werkboekje den datum van uitdiensttreding te schrijven, geschiedt zulks door de autoriteit, die den arbeider het werkboekje uitreikte.

Regeling
Wet tot inschrijving van arbeidskrachten 1945 BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2013
BWB-id
BWBR0028724
Versie
2013-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl