wetzoeker

Artikel 22 Pensioenwet BES

1 Op verzoek van de Bank kan het Hof van Justitie over een pensioenfonds een bewindvoerder aanstellen indien:

a. het beheer van het fonds blijk geeft van een zodanig wanbeleid dat de belangen van de deelnemers en andere gerechtigden een onmiddellijke voorziening vereisen;

b. het bestuur van het fonds is komen te ontbreken.

2 De Bank dient haar verzoekschrift tot aanstelling van een bewindvoerder in tweevoud in. De griffier doet een exemplaar van het verzoekschrift onverwijld aan het fonds toekomen.

3 Indien het Hof van Justitie het verzoek toewijst, bepaalt het de duur waarvoor de bewindvoerder is aangesteld. Het kan deze duur op verzoek van de Bank of van de bewindvoerder verlengen dan wel verkorten. Het Hof van Justitie kan de bewindvoerder een bezoldiging toekennen ten laste van:

a. het pensioenfonds of, wanneer de financiële omstandigheden van het pensioenfonds dit niet toestaan;

b. de werkgever of, wanneer de financiële omstandigheden van de werkgever dit niet toestaan;

c. de Bank.

4 De bewindvoerder treedt in de plaats van het bestuur of een of meer door het Hof van Justitie aangewezen leden van het bestuur van het fonds.

5 De voorlopige tenuitvoerlegging van de beschikking tot aanstelling van een bewindvoerder kan worden bevolen, indien het verzoek daartoe is gedaan op een van de gronden, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, van dit artikel.

Regeling
Pensioenwet BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2021
BWB-id
BWBR0028712
Versie
2021-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl