wetzoeker

Artikel 316 Wetboek van Strafvordering BES

Onderzoek van de zaak op de terechtzitting

1 In de gevallen waarin van nietigheid van de dagvaarding, niet-ontvankelijkheid van de procureur-generaal of onbevoegdheid van het Hof zonder onderzoek van de zaak zelf kan blijken, is de verdachte bevoegd die verwering reeds dadelijk na de ondervraging in artikel 315 vermeld, voor te dragen en toe te lichten.

2 De procureur-generaal kan daarop antwoorden.

3 De verdachte kan andermaal en, zo de procureur-generaal daarna weer het woord voert, nogmaals het woord voeren.

4 Het Hof gaat tot beraadslaging over en doet uitspraak.

5 Wordt de verwering ontijdig of ongegrond bevonden, dan wordt het onderzoek van de zaak zelf onmiddellijk voortgezet.

6 Ook ambtshalve kan het Hof zonder onderzoek van de zaak de nietigheid van de dagvaarding, de niet-ontvankelijkheid van de procureur-generaal of de onbevoegdheid van het Hof, dan wel in het geding in hoger beroep de niet-ontvankelijkheid van het beroep, ingesteld door het openbaar ministerie of de verdachte, uitspreken, na de procureur-generaal en de verdachte te hebben gehoord.

Regeling
Wetboek van Strafvordering BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0028681
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl