wetzoeker

Artikel 21 Warenwet BES

Toezicht

1 De krachtens artikel 19, eerste en vierde lid, aangewezen personen zijn, uitsluitend voor zover dat voor de vervulling van hun taak redelijkerwijs noodzakelijk is, bevoegd:

a. alle inlichtingen te vragen;

b. inzage te verlangen van alle boeken, bescheiden en andere informatiedragers en daarvan afschrift te nemen of deze daartoe tijdelijk mee te nemen;

c. waren en al hetgeen voor waren als hulpmiddel dient aan opneming en onderzoek te onderwerpen, ten behoeve van zodanig onderzoek verpakkingen te openen dan wel te vorderen dat verpakkingen worden geopend; deze waren daartoe tijdelijk mee te nemen en daarvan monsters te nemen;

d. alle plaatsen, met uitzondering van woningen zonder de uitdrukkelijke toestemming van de bewoner, te betreden, vergezeld van door hen aangewezen personen;

e. vaartuigen, voertuigen en de lading daarvan te onderzoeken.

2 Zo nodig, wordt de toegang tot een plaats als bedoeld in het tweede lid, onderdeel d, verschaft met behulp van de sterke arm.

3 Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de wijze van taakuitoefening van de in het eerste lid bedoelde ambtenaren of personen.

4 Een ieder is verplicht aan de in het eerste lid bedoelde ambtenaren of personen alle medewerking te verlenen die op grond van het tweede lid wordt gevorderd.

Regeling
Warenwet BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-01-2023
BWB-id
BWBR0028619
Versie
2023-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl