wetzoeker

Artikel 253 Mijnbesluit BES

Over de geschillen nopens het voldoen aan de vereischte gesteld in art. 5 der Mijnwet BES.

1 Van de beteekening bedoeld in art. 27 tot het verstrijken van den termijn aangegeven in art. 243 of, ingeval een verzoekschrift, als in laatstgenoemd artikel bedoeld, is ingediend, tot de beslissing van het Hof aan den houder van het recht op concessie of aan den concessionaris zal zijn medegedeeld, of beteekend, mogen de in art. 88 bedoelde werkzaamheden of de ontginning worden voortgezet.

2 De houder van het recht op concessie of de concessionaris zal echter van eerstbedoelde beteekening af niet bevoegd zijn het recht op concessie over te dragen of het op grond van de concessie verworven recht te vervreemden of met hypotheek te belasten. Dit verbod houdt op, wanneer op een door den houder van het recht op concessie of door den concessionaris ingediend verzoekschrift door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie is beslist, dat hij aan de in art. 5 der Mijnwet BES gestelde vereischten voldoet.

Regeling
Mijnbesluit BES
Soort
AMvB-BES
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028574
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl