wetzoeker

Artikel 14 Mijnbesluit BES

Over de vereischten waaraan aanvragers en houders van vergunning tot opsporing moeten voldoen.

1 Van elk optreden van een nieuwen vertegenwoordiger, als bedoeld in het eerste lid van art.5 der Mijnwet BES, moet binnen één maand nadat dit optreden heeft plaats gehad, door den houder der vergunning worden kennis gegeven aan Onze Minister, onder overlegging van de authentieke akte of van een volledig afschrift daarvan, waarbij de nieuwe vertegenwoordiger is aangesteld.

2 Het bepaalde bij het eerste lid van dit artikel geldt eveneens voor de tijdelijk vervangende en waarnemende vertegenwoordigers.

Regeling
Mijnbesluit BES
Soort
AMvB-BES
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028574
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl