wetzoeker

Artikel 136 Mijnbesluit BES

Over de uitgestrektheid, waarvoor vergunningen tot opsporing en concessiën tot ontginning kunnen worden erlangd.

1 Elk tot het doen van opsporingen aan te vragen terrein mag behoudens het bepaalde bij het tweede lid van dit artikel geen grootere oppervlakte hebben dan 3000 hectaren; aanvragen voor grootere uitgestrektheid worden onvoorwaardelijk afgewezen.

2 Indien, in het belang van eene doelmatige begrenzing, zulks door Onze Minister noodig wordt geoordeeld, kan aan een aanvrager, behoudens de rechten en aanspraken van anderen, vergunning worden verleend voor eene grootere uitgestrektheid dan door hem is aangevraagd en mag ook het in het eerste lid van dit artikel genoemde maximum worden overschreden, maar alleen voor zoover dat strikt noodzakelijk is met het oog op de begrenzing.

3 Ieder kan in één of meer districten zoovele onderzoekingsterreinen krijgen, ook door overdracht, als hij zelf wenscht en beschikbaar zijn, mits elk terrein op zich zelf niet grooter zij dan het in dit artikel genoemde maximum.

Regeling
Mijnbesluit BES
Soort
AMvB-BES
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028574
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl