wetzoeker

Artikel 2t Wet toelating en uitzetting BES

Toegang

1 De ambtenaar belast met de grensbewaking onderwerpt vreemdelingen bij grensoverschrijding aan een grondige controle.

2 De grondige controle behelst bij inreis de verificatie of is voldaan aan de voorwaarden voor toegang, gesteld bij of krachtens artikel 2r.

3 Bij de grondige controle kan bij uitreis worden onderzocht:

a. of de toegang van de vreemdeling tot de plaats, het land of de staat van bestemming redelijkerwijs is gewaarborgd;

b. of de vreemdeling de maximale duur van het toegestane verblijf in de openbare lichamen heeft overschreden, in welk geval dat wordt gesignaleerd;

c. of de vreemdeling is gesignaleerd ter fine van opsporing of weigering van toegang en verblijf.

4 Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt bepaald hoe een signalering ter fine van weigering van de toegang wordt geregistreerd en onder welke voorwaarden de bevoegde autoriteiten, inbegrepen de bevoegde autoriteiten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten, daarvan kennis kunnen nemen.

5 In afwijking van artikel 1a is het eerste lid niet van overeenkomstige toepassing op Nederlanders.

Regeling
Wet toelating en uitzetting BES
Afkortingen
WTU-BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028571
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl