wetzoeker

Artikel 73 Wetboek van Strafrecht BES

Verval van het recht tot strafvordering en van de straf

De termijn van verjaring vangt aan op den dag na dien waarop het feit is gepleegd, behoudens in de volgende gevallen:

1°. bij valschheid of muntschennis vangt de termijn aan op den dag na dien, waarop gebruik is gemaakt van het voorwerp ten opzichte waarvan de valschheid of muntschennis gepleegd is;

2°. bij de misdrijven omschreven in de artikelen 291, 292, 295, 295a en 295ao, op den dag na dien der bevrijding, of van den dood van hem, tegen wien onmiddellijk het misdrijf gepleegd is;

3°. bij overtredingen omschreven in de artikelen 489, 490 en 491, op den dag na dien waarop de dubbelen of afschriften van de akten, waaruit zoodanige overtreding blijkt, zijn overgebracht naar de centrale bewaarplaats.

Regeling
Wetboek van Strafrecht BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0028570
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl