wetzoeker

Artikel 22 Wet maritiem beheer BES

Verbod inzake bouwwerken, voorwerpen of ander materiaal in zee

1 Degene door wiens toedoen of nalaten een voorwerp of stof in de binnenwateren, de territoriale zee of in de exclusieve economische zone wordt aangebracht, terechtkomt of vrijkomt, waardoor gevaar, schade of hinder wordt veroorzaakt of dreigt te worden veroorzaakt, meldt dit onverwijld aan de beheerder.

2 In de exclusieve economische zone geldt de meldingsplicht, bedoeld in het eerste lid, uitsluitend ingeval er verontreiniging door schepen of off-shore installaties wordt veroorzaakt of dreigt te worden veroorzaakt.

3 De persoon, bedoeld in het eerste lid, draagt er zorg voor dat het voorwerp of de stof onmiddellijk uit het water wordt verwijderd, tenzij dit redelijkerwijs niet uitvoerbaar is.

4 De beheerder is bevoegd het voorwerp of de stof, bedoeld in het eerste lid, te doen verwijderen voor rekening van degene door wiens toedoen of nalaten het voorwerp of de stof in het water is vrijgekomen of terecht gekomen.

5 Dit artikel is niet van toepassing op het lozen van een schadelijke stof vanaf een schip in de gevallen en op de wijze vastgesteld in het Marpol-verdrag.

6 Het eerste tot en met het vijfde lid zijn niet van toepassing op het storten van afval of stoffen overeenkomstig de bij of krachtens deze wet gegeven voorschriften, ter uitvoering van het Protocol van 1996.

Regeling
Wet maritiem beheer BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0028550
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl