wetzoeker

Artikel 870 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

Rechterlijke bevelen tot betaling

1 Het rechterlijk bevel tot betaling houdt in:

a. de naam, de voornamen, de woonplaats van de schuldeiser en, indien deze niet hier te lande woonplaats heeft, diens gekozen woonplaats, alsmede de gekozen woonplaats waar de rechter zitting houdt;

b. de naam, de voornamen en de woonplaats van de schuldenaar;

c. het bedrag der vordering, alsmede een summiere opgave van de gronden waarop deze berust;

d. het bevel tot voldoening van hetgeen aan hoofdsom, rente en kosten is toegewezen;

e. de vermelding dat het rechterlijk bevel tot betaling aan verzet is onderworpen;

f. het bevel tot voorlopige tenuitvoerlegging, indien dit gegeven is.

2 De griffier tekent op het oorspronkelijke verzoekschrift de uitgifte van het rechterlijk bevel tot betaling aan en zendt een in executoriale vorm opgemaakte expeditie van het bevel onverwijld aan de schuldeiser. De griffier zendt bij gewone brief een afschrift aan de schuldenaar.

Regeling
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2015
BWB-id
BWBR0028496
Versie
2015-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl