wetzoeker

Artikel 705 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES

Algemene bepalingen

1 De rechter in eerste aanleg die verlof tot het beslag heeft gegeven, kan, rechtdoende in kort geding, het beslag op vordering van elke belanghebbende opheffen, onverminderd de bevoegdheid van de gewone rechter.

2 De opheffing wordt onder meer uitgesproken bij verzuim van op straffe van nietigheid voorgeschreven vormen, indien summierlijk van de ondeugdelijkheid van het door de beslaglegger ingeroepen recht of van het onnodige van het beslag blijkt, of, zo het beslag is gelegd voor een geldvordering, indien voor deze vordering voldoende zekerheid wordt gesteld.

3 Artikel 438, tweede lid, vierde volzin, derde, vierde en vijfde lid, en artikel 438a zijn van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES
Soort
wet-BES
Geldend vanaf
01-07-2015
BWB-id
BWBR0028496
Versie
2015-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl