wetzoeker

Artikel 5 Samenwerkingsregeling waarborging plannen van aanpak landstaken Sint Maarten

De instelling en inrichting van de voortgangscommissies

1 Een lid van de voortgangscommissie kan niet tevens zijn:

a. Gouverneur;

b. minister of staatssecretaris van het Land of van Nederland;

c. lid van de Staten van het Land of van de Staten-Generaal;

d. lid van de Raad van Advies van het Land;

e. lid van de Raad van State van het Koninkrijk of staatsraad in buitengewone dienst bij de Raad van State van het Koninkrijk;

f. lid van de Algemene Rekenkamer van het Land of van Nederland;

g. nationale ombudsman of substituut-ombudsman van het Land of van Nederland;

h. ambtenaar bij een ministerie, alsmede de daaronder ressorterende instellingen, diensten en bedrijven van het Land of van Nederland;

i. lid van de rechterlijke macht;

j. procureur-generaal of advocaat-generaal bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.

2 Een lid vervult overigens ook geen nevenfunctie of andere betrekking die ongewenst is met het oog op een goede vervulling van zijn functie of de handhaving van zijn onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.

3 Een lid meldt het voornemen tot het aanvaarden van een nevenfunctie of andere betrekking aan de voortgangscommissie. De voortgangscommissie informeert de raad van ministers van het Koninkrijk door tussenkomst van Onze Minister en de raad van ministers van het Land.

4 De voortgangscommissie maakt de nevenfuncties en andere betrekkingen van een lid openbaar. Openbaarmaking geschiedt bij zijn benoeming en voorts door jaarlijkse publicatie van een opgave van deze nevenfuncties en betrekkingen in de Staatscourant en een in het Land algemeen verkrijgbaar publicatieblad.

Regeling
Samenwerkingsregeling waarborging plannen van aanpak landstaken Sint Maarten
Soort
Rijks-KB
Geldend vanaf
16-07-2026
BWB-id
BWBR0028136
Versie
2026-07-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl