wetzoeker

Artikel 22 Rijkswet openbare ministeries van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Rechtspositionele aspecten

1 Een lid van het openbaar ministerie kan voorts worden ontslagen:

a. indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;

b. indien hij bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, surséance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld;

c. indien hij uit hoofde van ziekte of gebreken blijvend ongeschikt is om zijn functie te vervullen;

d. wegens handelen of nalaten, dat ernstig nadeel toebrengt aan de goede gang van zaken bij het openbaar ministerie of aan het in hem te stellen vertrouwen.

2 In het geval bedoeld in het eerste lid, onder c, wordt het ontslag eervol verleend.

Regeling
Rijkswet openbare ministeries van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028072
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl