wetzoeker

Beschikking rendementen gesubsidieerde woningbouw, mei 2010

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2010
Rechtsgebied
Huurrecht, Wonen, onroerend goed, bouwrecht
Ministerie
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
BWB-id
BWBR0027689
Versie
2010-07-01_0
SHA-256 bron
5e5cbc3c6126d36c6cef00c2c70015e25f32ab9596ce93969c09435b75c4cad2

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (5)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Onderwerp: Rendementen gesubsidieerde woningbouw, mei 2010

Artikel 1

Voor woningen en voor woongebouwen met een bijzonder karakter, waarvoor een jaarlijkse bijdrage en een bijdrage ineens dan wel een bijdrage ineens op voet van de Beschikking geldelijke steun huurwoningen 1975, de Regeling geldelijke steun huurwoningen in proefgemeenten normkostensysteem 1986, of de Regeling geldelijke steun huurwoningen normkostensysteem 1988 werden verstrekt, bedraagt het rendement in de maand mei 2010, dat voor de berekening van de dynamische kostprijshuur bij de aanvang van elk nieuw tijdvak van 10 jaren wordt aangehouden, 3,75 procent.

Artikel 2

Voor de bepaling van de hoogte van de jaarlijkse bijdrage op voet van de berekeningsmethodiek conform de Regeling geldelijke steun huurwoningen normkostensysteem 1988, met betrekking tot welk de gemeente de datum, bedoeld in artikel 31, onderdeel i. van die regeling, stelt op 16 mei 2010, doch niet later dan 15 juni 2010 bedraagt het gemiddelde verschil, bedoeld in artikel 57, eerste lid, van die regeling 1,229 procent.

Artikel 3

Voor de woningen, ten aanzien waarvan de toelatingsbeschikking voor 1 januari 1992 is afgegeven en waarvan in het tijdvak aanvangende met 16 mei 2010 en eindigende met 15 juni 2010 de notariële akte tot levering, bedoeld in artikel 89, boek 3, van het Burgerlijk Wetboek, is verleden, bedraagt het rentepercentage dat voor de toepassing van artikel 17, tweede lid, van de Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1984 in aanmerking wordt genomen, 4,50 procent.

Artikel 4

Het in artikel 28b van de Regeling geldelijke steun voorzieningen aan huurwoningen 1987 bedoelde opslagpercentage is gelijk aan het in artikel 2 van deze beschikking genoemde percentage en is geldig voor de genoemde periode.

Onderwerp: Rendementen gesubsidieerde woningbouw, mei 2010

Onderwerp: Rendementen gesubsidieerde woningbouw, mei 2010

De rendementen gesubsidieerde woningbouw zoals die in mei 2010 worden gepubliceerd zijn, conform de circulaire MG 91-49 van 13 december 1991, alleen van toepassing op beschikkingen die vóór 1 januari 1992 zijn afgegeven.

I. Regeling geldelijke steun huurwoningen 1975 / NKS'86 / NKS'88 / RGSVH'87

Voor woningen en voor woongebouwen met een bijzonder karakter, waarvoor een jaarlijkse bijdrage en een bijdrage ineens dan wel een bijdrage ineens op voet van de Beschikking geldelijke steun huurwoningen 1975, of de Regeling geldelijke steun huurwoningen in proefgemeenten normkostensysteem 1986, danwel de Regeling geldelijke steun huurwoningen normkostensysteem 1988, is verstrekt, bedraagt het rendement in de maand mei 2010 dat voor de berekening van de dynamische kostprijshuur bij de aanvang van enig tijdvak van 10 jaren wordt aangehouden 3,75 procent.

Het opslagpercentage voor de periode 16 mei 2010 t/m 15 juni 2010 bedraagt 1,229 procent. Dit opslagpercentage geldt ook voor de Regeling geldelijke steun voorzieningen aan huurwoningen 1987 bij de berekening van het rendement ten behoeve van de vaststelling looptijd jaarlijkse bijdrage.

II. Beschikking geldelijke steun eigen woningen 1984

Als vóór 1 januari 1992 een toelatingsbeschikking is afgegeven op voet van deze regeling, bedraagt voor het tijdvak van 16 mei 2010 t/m 15 juni 2010 het rentepercentage dat in aanmerking wordt genomen voor het berekenen van het aantal jaren waarover de jaarlijkse bijdrage wordt verstrekt, 4,50 procent. Dit percentage wordt ook gebruikt bij de uitvoering van de rijksrekenrente toets.

De jaarlijkse bijdrage, voor woningen waarvan de contante waarde na 30 jaren is of wordt vastgesteld op € 18.604,99 en waarvoor het transport van de notariële akte zal plaatsvinden in de bovengenoemde periode, is vastgesteld op € 1.633,61.

III. Vermenigvuldigingsfactoren

Aanvang exploitatiejaar: april 2010

Onderhouds- en algemene beheers- en administratiekosten: 0,9991

Belastingen: 1,0060

Premie voor storm- en brandverzekering: 1,0291

Huurderving: 1,0250

IV. Wellicht ten overvloede bericht ik u dat alle bovengenoemde informatie onder voorbehoud dient te worden gehanteerd, tot de definitieve MG-circulaire is verschenen.