wetzoeker

Algemeen Beleidsregels voor lozing op oppervlaktewater door storting van baggerspecie in Wm-vergunningplichtige winputten

In beginsel wordt voor de toetsing uitgegaan van de voorwaarden die vanuit het Besluit bodemkwaliteit gesteld worden aan grootschalige toepassing van baggerspecie in oppervlaktewater (onder de waterspiegel). Omdat het hier gaat om een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, wordt hierbij geen onderscheid gemaakt tussen gebiedseigen en gebiedsvreemde baggerspecie. Gezien het gestelde in paragraaf 2.2 van deze beleidsregels, wordt afgeweken van de toetsing aan emissiewaarden en/of emissietoetswaarden. In plaats daarvan wordt per parameter getoetst of de te storten baggerspecie voldoet aan de maximale waarden voor het toepassen van baggerspecie in oppervlaktewater conform Besluit bodemkwaliteit (interventiewaarden voor waterbodems). Als het materiaal voldoet aan de interventiewaarden, dan veroorzaakt de storting voor de betreffende parameter geen onaanvaardbare beïnvloeding van de kwaliteit van het in de winput aanwezige oppervlaktewater (zie hoofdstuk 2). In beginsel kan met betrekking tot de betreffende parameter een vergunning worden afgegeven. Hierbij dient nog wel getoetst te worden of geen sprake is van een uitzonderingssituatie waarbij de zorgplicht in het geding komt.Het bevoegd gezag dient dit op basis van gebiedskennis en voortschrijdend inzicht ten aanzien van toepassingen op grond van het Besluit bodemkwaliteit te besluiten. Indien vaststaat dat sprake is van een uitzonderingssituatie die onder de zorgplicht van het Besluit bodemkwaliteit zou kunnen vallen, dienen in de vergunning aanvullende voorschriften opgenomen te worden of dienen de vervolgstappen doorlopen te worden.

Bij de toetsing aan de maximale waarden voor toepassen van baggerspecie in oppervlaktewater wordt niet gekeken naar nuttigheid en functionaliteit. De storting van baggerspecie in een winput hoeft immers geen ‘nuttige’ toepassing te zijn. Het is een Wet milieubeheer-inrichting. Bij de toetsing wordt ook niet gekeken naar de voorwaarden die worden gesteld aan het aanbrengen van een leeflaag en het beheer van de locatie. Deze aspecten komen bij de beheerfase (paragraaf 3.3) aan bod.

Regeling
Beleidsregels voor lozing op oppervlaktewater door storting van baggerspecie in Wm-vergunningplichtige winputten
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
16-04-2010
BWB-id
BWBR0027505
Versie
2010-04-16_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl