wetzoeker

Artikel 3 Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorie AM

1 Tijdens het praktijkexamen voor de categorie AM, bromfietsen op twee wielen, dient de aanvrager blijk te geven in staat te zijn om in verkeerssituaties op veilige wijze:

a. de kant van de weg of de parkeerruimte te verlaten en weg te rijden na een stop in het verkeer;

b. op het juiste weggedeelte en met aanpassing van de snelheid aan de weg- en verkeersomstandigheden aan het verkeer deel te nemen;

c. te rijden op rechte weggedeelten;

d. bochten te rijden;

e. van rijstrook te veranderen en andere zijdelingse verplaatsingen uit te voeren, alsmede het oprijden en verlaten van het fiets/bromfietspad;

f. andere weggebruikers in te halen, alsook obstakels voorbij te rijden;

g. juist te handelen ten opzichte van tegenliggers, ook bij wegversmallingen;

h. door overige weggebruikers tegemoet gekomen en ingehaald worden;

i. een overweg te naderen en veilig over te steken;

j. te rijden nabij en op bijzondere weggedeelten, zoals erven, in- en uitritten, voetgangersoversteekplaatsen, tram- en bushaltes;

k. een kruispunt te naderen en over te steken;

l. rechts of links af te slaan op kruispunten.

2 De aanvrager dient tijdens het praktijkexamen blijk te geven inzicht te hebben ten aanzien van de in het eerste lid genoemde handelingen en manoeuvres door middel van:

a. het letten op tekens en overige aanduidingen op de weg;

b. het tijdig en op juiste wijze geven van signalen aan de overige weggebruikers en tijdig en op juiste wijze te reageren op signalen van de overige weggebruikers;

c. het adequaat reageren in gevaarlijke situaties en op onjuist gedrag van derden;

d. het tijdig en op juiste wijze reageren op tekens en aanwijzingen van bevoegde personen;

e. het permanent rekening houden met (mogelijke) andere weggebruikers, in het bijzonder kwetsbare weggebruikers als voetgangers, fietsers e.d.;

f. rekening houden met weg- en weersomstandigheden;

g. het op de juiste wijze verlenen van voorrang aan bestuurders en het voor laten gaan van weggebruikers die daar recht op hebben;

h. het innemen van de juiste plaats op de weg voor het uitvoeren van voorgenomen handelingen zoals inhalen, afslaan en stoppen, en het daarvoor geschikte dan wel bestemde weggedeelte te kiezen;

i. het houden van voldoende volgafstand ten opzichte van de overige weggebruikers;

j. het rijden met een veilige, aan de verkeersomstandigheden aangepaste snelheid en daarbij de geldende maximumsnelheid niet te overschrijden.

Regeling
Regeling eisen praktijkexamens rijbewijscategorie AM
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-03-2010
BWB-id
BWBR0027266
Versie
2010-03-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl