wetzoeker

Besluit vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten 2010

Besluit van 20 januari 2010, houdende regels voor vergoedingen van luchtvaartnavigatiediensten ter uitvoering van Verordening (EG) nr. 1794/2006 tot vaststelling van een gemeenschappelijk heffingenstelsel voor luchtvaartnavigatiediensten (PbEU L 341) (Besluit vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten 2010)

Soort
AMvB
Geldend vanaf
30-01-2010
Rechtsgebied
Vervoersrecht
Ministerie
Infrastructuur en Milieu
BWB-id
BWBR0027134
Versie
2010-01-30_0
SHA-256 bron
499c24ca74456eca14b3886203eae4794cf8f9ba8c57ad7bfdc9c5e58e52aa31

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (12)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

NSA Amsterdam: gebied zoals gedefinieerd in de door LVNL uitgegeven luchtvaartgids, volume I, hoofdstuk ENR 6-2-5.

§ 1 — Algemene bepalingen

Artikel 2

In het vluchtinformatiegebied Amsterdam gelden de volgende heffingszones:

a. een «en route»-heffingszone voor luchtvaartnavigatiediensten die het hele vluchtinformatiegebied Amsterdam omvat,

b. een heffingszone voor plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten bestaande uit de volgende groep luchthavens: Amsterdam Airport Schiphol, Rotterdam Airport, Groningen Airport Eelde en Maastricht Aachen Airport.

§ 2 — Vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten «en route»-verkeer

Artikel 3

LVNL draagt zorg voor de bekendmaking van het eenheidstarief dat de Eurocontrol-organisatie voor de «en route»-heffingszone vaststelt. Het eenheidstarief wordt in de Staatscourant bekendgemaakt.

§ 2 — Vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten «en route»-verkeer

Artikel 4

De vergoeding voor luchtvaartnavigatiediensten voor «en route»-verkeer wordt binnen dertig dagen na de door de Eurocontrol-organisatie op de factuur vermelde datum door de desbetreffende gebruiker van luchtvaartnavigatiediensten in euro’s voldaan.

§ 2 — Vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten «en route»-verkeer

Artikel 5

Van de verplichting tot het betalen van de vergoeding voor luchtvaartnavigatiediensten voor «en route»-verkeer zijn naast de vluchten, bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de vergoedingenverordening, vrijgesteld de vluchten, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van deze verordening, met dien verstande dat:

a. opsporings- en reddingsvluchten door militaire luchtvaartuigen of traumahelikopters worden uitgevoerd;

b. onder humanitaire vluchten wordt verstaan: uitsluitend voor humanitaire doeleinden uitgevoerde vluchten die bedoeld zijn om hulpverleningspersoneel en hulpgoederen zoals voedsel, kleding, onderdak, medische en andere goederen tijdens of na een noodsituatie of ramp te vervoeren of om personen uit een plaats waar hun leven of gezondheid door die noodsituatie of ramp wordt bedreigd te evacueren naar een toevluchtsoord in dezelfde staat of een andere staat die bereid is dergelijke personen op te vangen, waarbij de aard van de vlucht wordt vermeld in het vliegplan van de desbetreffende vlucht.

§ 3 — Vergoedingen plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten

Artikel 6

LVNL draagt zorg voor de bekendmaking van het eenheidstarief voor de heffingszone voor plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten. Het eenheidstarief wordt in de Staatscourant en in de luchtvaartpublicaties bekendgemaakt.

§ 3 — Vergoedingen plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten

Artikel 7

De vergoeding voor plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten wordt door de desbetreffende gebruiker van luchtvaartnavigatiediensten in euro’s voldaan.

§ 3 — Vergoedingen plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten

Artikel 8

1 Van de verplichting tot het betalen van de vergoeding voor plaatselijke luchtvaartnavigatiediensten zijn vrijgesteld:

a. vluchten die uitsluitend worden uitgevoerd door officiële missies van regerende vorsten en hun directe familie, staatshoofden, regeringsleiders en ministers van de regering, waarbij de statusvermelding wordt vermeld in het vliegplan van de desbetreffende vlucht;

b. opsporings- en reddingsvluchten die door militaire luchtvaartuigen of traumahelikopters worden uitgevoerd;

c. trainingsvluchten die uitsluitend worden uitgevoerd voor het verkrijgen van een vergunning of bevoegdheidsverklaring voor cockpitpersoneel, voor zover het betreft het gedeelte van de vlucht dat tussenlandingen en onmiddellijke starts omvat, met uitzondering van de eerste en vervolgens elke vierde daarop volgende tussenlanding en onmiddellijke start;

d. humanitaire vluchten, als bedoeld in artikel 5, onder b.

2 Het eerste lid, onderdeel c, geldt niet ten aanzien van Amsterdam Airport Schiphol.

§ 4 — Overige vergoedingen

Artikel 9

1 De vergoedingenverordening is niet van toepassing op het NSA Amsterdam.

2 Onze Minister van Verkeer en Waterstaat bepaalt jaarlijks in overleg met de desbetreffende verleners van luchtvaartnavigatiediensten de vergoeding voor luchtvaartnavigatiediensten die worden verleend op luchthavens, bedoeld in artikel 5.21, eerste lid, van de Wet luchtvaart.

3 Van de hoogte van de vergoeding wordt door LVNL mededeling gedaan in de Staatscourant en in de luchtvaartpublicaties.

4 Onverminderd het tweede lid, is de vergoeding voor luchtvaartnavigatiediensten ten behoeve van burgerhelikoptervluchten in het NSA Amsterdam het quotiënt van de geraamde exploitatiekosten van desbetreffende verleners van luchtvaartnavigatiediensten, voor zover het betreft het NSA Amsterdam, en het voor dat jaar door die dienstverleners geraamde aantal burgerhelikoptervluchten.

§ 5 — Slotbepalingen

Artikel 10

Het Besluit vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten wordt ingetrokken.

§ 5 — Slotbepalingen

Artikel 11

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

§ 5 — Slotbepalingen

Artikel 12

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vergoedingen luchtvaartnavigatiediensten 2010.