Paragraaf 3.1 — Een verklaring van toelating van rechtswege (zie paragraaf 2.1) en wel of geen bedenkingen Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba
Een verklaring van toelating van rechtswege (zie paragraaf 2.1) en wel of geen bedenkingen
Ten aanzien van de volgende categorieën vreemdelingen in artikel 3 LTU bestaan geen bedenkingen tegen verblijf voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder b, RWN:
•
b. personen die in dienst zijn geweest van Aruba of vóór 1 januari 1986 in dienst waren van de Nederlandse Antillen of het eilandgebied Aruba en uit dien hoofde pensioen of uitkering bij wijze van pensioen genieten, alsmede de niet hertrouwde weduwen van zodanige personen;
•
h. personen, in Aruba geboren, die de Nederlandse nationaliteit niet bezitten, mits zij de leeftijd van tien jaar hebben bereikt, en sedert hun eerste levensjaar in Aruba zijn toegelaten geweest.
Ten aanzien van de volgende categorieën vreemdelingen in artikel 3 LTU bestaan geen bedenkingen tegen verblijf voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder b, RWN, mits jegens de hoofdverblijfgever zelf ook geen bedenkingen tegen verblijf voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder b, RWN bestaan:
•
g. personen die gedurende ten minste vijf jaar gehuwd zijn met en inwonen bij een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, LTU of een persoon als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdelen a tot en met f, LTU, en gedurende een periode van ten minste vijf jaar toelating en hoofdverblijf in Aruba hebben of hebben gehad, alsmede de uit dat huwelijk geboren of staande dat huwelijk geadopteerde of erkende minderjarige inwonende kinderen;
•
i. echtgenoten of partners in een duurzame relatie, alsmede minderjarige kinderen, voor zover zij een gemeenschappelijke huishouding voeren met een persoon als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, d of e LTU; aan bedoelde echtgenoten of partners worden geen nadere voorwaarden gesteld voor de uitoefening van een beroep of het verrichten van arbeid.
Ten aanzien van vreemdelingen als bedoeld in artikel 3, lid 1, sub a LTU (in Aruba gestationeerde personen die in dienst zijn van Aruba, van een van de andere landen van het Koninkrijk of van een internationale organisatie of een door een van de landen van het Koninkrijk gesubsidieerde instelling) geldt dat zij in beginsel een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd moeten hebben om te kunnen aannemen dat er geen bedenkingen bestaan tegen hun verblijf voor onbepaalde tijd in Aruba. Verder bestaan er ook geen bedenkingen tegen verblijf voor onbepaalde tijd voor vreemdelingen die een verklaring van rechtswege overleggen waaruit volgt dat het tijdelijke arbeidscontract telkens met een jaar wordt verlengd. Dit is anders voor vreemdelingen die werken voor een internationale organisatie. Zij hebben de intentie om tijdelijk te verblijven dus er bestaan wel bedenkingen tegen hun verblijfsdoel.
Ten aanzien van de volgende categorieën vreemdelingen in artikel 3 LTU bestaan bedenkingen tegen verblijf voor onbepaalde tijd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder b, RWN:
•
c. in Aruba als zodanig toegelaten beroepsconsuls, beroepsconsulaire ambtenaren en ander consulair personeel;
•
d. militairen of civiele personeelsleden, in dienst van een ander land, gedurende de tijd dat zij in Aruba zijn gestationeerd, of op grond van een verdrag toelating in Aruba hebben;
•
e. opvarenden van tot de zee- of luchtmacht van enige mogendheid behorende schepen of luchtvaartuigen gedurende de tijd dat Aruba met toestemming van de bevoegde autoriteit wordt aangedaan.
- Regeling
- Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba
- Afkortingen
- HRWN-A
- Soort
- Circulaire
- Geldend vanaf
- 01-07-2026
- BWB-id
- BWBR0027122
- Versie
- 2026-07-01_0