wetzoeker

Paragraaf 1.1 — Stabiel hoofdverblijf Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba

Stabiel hoofdverblijf

Voor de beoordeling van stabiel hoofdverblijf zijn de volgende criteria van toepassing:

• het moet gaan om vijf jaar feitelijk en onafgebroken verblijf in het Koninkrijk; en

• het kind en de ouder(s) hebben in het verleden het vertrektraject niet gefrustreerd; en

• het kind en de ouder(s) hebben zich niet onttrokken aan toezicht van de autoriteiten van het desbetreffende land binnen het Koninkrijk.

De Gouverneur neemt in beginsel de registratie in de PIVA als uitgangspunt voor het vijf jaar feitelijk en onafgebroken hoofdverblijf in Aruba. Als de vreemdeling niet is ingeschreven in de PIVA of enkel voor een bepaalde periode of niet aaneengesloten, moet de vreemdeling op een andere wijze aantonen dat hij gedurende die periode feitelijk in Aruba verbleef. Zie ook de toelichting op artikel 1, eerste lid, aanhef en onder h, HRWN.

De Gouverneur kan advies vragen aan de lokale toelatings- en vertrekautoriteiten middels model 1.59 in verband met de beoordeling of:

• sprake is van frustratie van het vertrektraject; en

• het onttrekken aan toezicht van de ouder(s)/het kind.

Er is sprake van frustratie van het vertrektraject als het kind en de ouder(s) doelbewust en systematisch geen medewerking hebben verleend aan dit traject. Uitgangspunt is dat de vreemdeling meewerkt aan zijn vertrek als hij actief meewerkt aan zijn vertrektraject, tenzij er sprake is van systematische tegenwerking. Systematische tegenwerking kan blijken uit het bovengenoemde advies van de bevoegde autoriteiten.

Er is sprake van het onttrekken aan toezicht als een vreemdeling niet meer in beeld is bij de autoriteiten van het desbetreffende land binnen het Koninkrijk.

Voorbeeld 1:

Mevrouw A, meneer B en hun kinderen X en Y leggen een optieverklaring af op grond van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder q RWN. Zij hebben een verblijfsvergunning gehad de afgelopen vijf jaar. Gelet hierop kan worden geconcludeerd dat sprake is van vijf jaar feitelijk en onafgebroken verblijf in Aruba (stabiel hoofdverblijf). Verder kan worden geconcludeerd dat, omdat de betrokkenen in het bezit zijn gesteld van een verblijfsvergunning, er geen sprake is van frustratie van het vertrektraject en het onttrekken aan toezicht van de autoriteiten van het desbetreffende land binnen het Koninkrijk. Gelet hierop hoeft de Gouverneur hierover geen advies te vragen.

Voorbeeld 2:

De heer C is 20 jaar en geboren in Aruba. Mevrouw A is zijn moeder met de *** nationaliteit. Mevrouw A kan op basis van de nationaliteitswet van het land waar zij de nationaliteit van heeft, haar nationaliteit niet doorgeven (zoals ook opgenomen in de Regeling evidente staatloosheid). Er is geen juridische vader in beeld. De heer C is dus staatloos. Voor de heer C is het in redelijkheid niet mogelijk een (andere) nationaliteit te verkrijgen. Tot het moment dat de heer C een optieverklaring aflegt op grond van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder q, RWN, werkte de heer C, evenals zijn ouders, mee aan zijn vertrek. Hiermee is de heer C dus ook in beeld bij de overheidsinstanties en onttrekt hij zich niet aan toezicht. De heer C kan een geslaagd beroep doen op het optierecht van artikel 6, eerste lid, aanhef en onder q, RWN, voor zover hij ook aan de overige voorwaarden voldoet.

Regeling
Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba
Afkortingen
HRWN-A
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0027122
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl