wetzoeker

11-5 — Toelichting ad artikel 11, vijfde lid Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba

Toelichting ad artikel 11, vijfde lid

Aan het niet-Nederlandse kind van een vader of moeder die het Nederlanderschap door optie verkregen heeft of aan wie zulks is verleend, dat minderjarig was op het tijdstip van de verklaring of het verzoek van die ouder, en dat in deze verkrijging of verlening niet deelde wegens het bereiken van de meerderjarigheid, wordt het Nederlanderschap op zijn verzoek verleend:

a. indien hij een onafgebroken periode van ten minste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek en aanvangende vóór het bereiken van de meerderjarigheid toelating en hoofdverblijf en, sedert het tijdstip van het verzoek, toelating voor onbepaalde tijd en hoofdverblijf in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba heeft,

b. indien hij bereid is bij de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring van verbondenheid af te leggen en

c. ten aanzien van hem geen van de afwijzingsgronden van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, met inbegrip van het tweede lid van dat artikel, van toepassing is.

Het besluit tot verlening wordt niet bekend gemaakt dan nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk is afgelegd.

Regeling
Handleiding Rijkswet op het Nederlanderschap 2003 toegespitst op het gebruik in Aruba
Afkortingen
HRWN-A
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0027122
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl