wetzoeker

Bijlage 1 — Beoordelingslijst vastleggen psychische beperkingen (deel 1) Regeling vaststelling invaliditeit met dienstverband

Beoordelingslijst vastleggen psychische beperkingen

Opmerkingen vooraf

Deze lijst is ontwikkeld voor het vastleggen van de psychische beperkingen in het kader van de invaliditeitsbeoordeling. De lijst is exclusief voor gebruik door een terzake deskundig arts. Het invullen van de scoringslijst is telkens het resultaat van een verzekeringsgeneeskundig onderzoek met een rapportage waarin de bevindingen en overwegingen duidelijk zijn verwoord.

De activiteiten en de hierbij behorende functionele mogelijkheden of beperkingen zijn ingedeeld in rubrieken en subrubrieken. De ernst van de beperkingen is onderverdeeld in vijf klassen, lopend van 0 (geen beperking) tot en met 4 (ernstige of dagelijks voorkomende beperkingen). De ernst of frequentie van de beperking is per klasse nader gedefinieerd.

In de beschrijving van de subrubriek staat beschreven wanneer gesproken kan worden van geen beperkingen. In enkele beschrijvingen is aangegeven vanaf wanneer er gesproken kan worden van beperkingen.

Allereerst worden de beperkingen per subrubriek vastgesteld en genoteerd. Vervolgens wordt per rubriek de subscore bepaald door de scores van de subrubrieken bij elkaar op te tellen en de som te delen door het desbetreffende aantal subrubrieken. Daarna worden de subscores van de vier rubrieken bij elkaar opgeteld en gedeeld door vier. Dit getal is een getal tussen de 0-4 en komt lineair overeen met een percentage tussen de 0-100%. Zo wordt een gemiddelde rubriekscore van 0,25 herleid naar een invaliditeitspercentage van 6,25% en een gemiddelde rubriekscore van 1,83 naar een invaliditeitspercentage van 45,75%.

Voor de subrubrieken geldt naast de specifieke beschrijving tevens het volgende:

− Beperkingen mogen alleen worden geduid als er een causaal verband is tussen de aandoening en de bijzondere of buitengewone dienstverrichtingen.

− Beperkingen mogen alleen worden gescoord als deze op psychische gronden verklaard kunnen worden.

− In het kader van dit protocol blijven activiteiten die door lichamelijke beperkingen verminderd kunnen zijn, buiten beschouwing. Deze worden beoordeeld met het protocol voor lichamelijke aandoeningen.

− Beperkingen dienen plausibel en consistent te zijn.

− Alle klassen: het gaat om verlies aan functioneren. Beperkingen mogen alleen worden gescoord indien de mogelijkheid eerder wel aanwezig is geweest.

− Wanneer er binnen een (1) subrubriek beperkingen zijn in verschillende klassen, wordt de hoogste klasse toegekend.

− Leeftijd en de hiermee gepaard gaande vermindering van het functioneren, dienen als matigende factor te worden meegewogen.

− Stress gerelateerde lichamelijke spanningsklachten die leiden tot beperkingen, kunnen worden meegewogen.

1. Activiteiten van het dagelijks leven

Subrubriek 1 Zelfzorg en huishoudelijke taken

Beschrijving: Deze subrubriek beschrijft de zelfredzaamheid ten aanzien van algemeen dagelijkse levensverrichtingen betreffende wassen en aankleden, eten en drinken, inname van medicatie en persoonlijke hygiëne en daarbij ook de zelfredzaamheid bij de uitvoering van de meest primaire huishoudelijke dagelijkse levensverrichtingen, handelingen noodzakelijk voor het voeren van een huishouden, koken, kleren wassen en schoonmaken van het huis. Hierbij is voldoende concentratie, initiatief en probleemoplossend vermogen nodig.

Score | Klasse | Beschrijving kenmerken klasse

0 | Klasse 0 | Er zijn geen beperkingen in de zelfzorg en het verrichten van huishoudelijke taken.

1 | Klasse 1 | Onderkent dat zelfzorg en/of huishoudelijke taken tekortschieten, maar kan het zelf grotendeels corrigeren, zo nodig met aansporing van anderen. Geen hulp of begeleiding nodig.

2 | Klasse 2 | Er is hulp of begeleiding nodig bij zelfzorg en/of huishoudelijke taken. De aard van de hulp of begeleiding is substantieel.

3 | Klasse 3 | Er is professionele zorg nodig. Bijvoorbeeld met eten klaarmaken of boodschappen halen. In zijn algemeenheid is dit betaalde hulp.

4 | Klasse 4 | Er is meerdere keren per week tot dagelijks professionele begeleiding nodig, bijvoorbeeld met PGB indicatie.

Subrubriek 2 Mobiliteit

Beschrijving: Deze subrubriek beschrijft het vermogen om zich op normale wijze, overal naar toe te verplaatsen met behulp van één van de gebruikelijke vervoermiddelen, zoals auto, fiets en openbaar vervoer. Op normale wijze betekent op alle momenten van de dag, ook tijdens drukte zoals de spits, over bekende en onbekende routes, binnen en buiten de woonplaats. Begeleiding kan bestaan uit familie of bekenden die meerijden of die besturen. Begeleiding moet substantieel zijn en voorwaardelijk. Gebruik van taxi of patiëntenvervoer tijdens intensieve behandeling wordt hier buiten beschouwing gelaten.

Score | Klasse | Beschrijving kenmerken klasse

0 | Klasse 0 | Er zijn geen beperkingen in de mobiliteit. Kan zelfstandig van A naar B reizen.

1 | Klasse 1 | Kan niet altijd normaal van A naar B reizen. Bijvoorbeeld niet op alle uren van de dag of niet alle afstanden. Kan dit dan wel zelfstandig.

2 | Klasse 2 | Kan wel op normale wijze van A naar B reizen, maar heeft hierbij begeleiding nodig. Begeleiding kan bestaan uit een familielid of bekende die meerijdt. Reizen met een taxi wordt hier onder gerekend wanneer de cliënt alleen kan reizen met een taxi

3 | Klasse 3 | Kan ondanks begeleiding niet altijd op normale wijze van A naar B reizen. Bijvoorbeeld niet op alle uren van de dag of alle afstanden.

4 | Klasse 4 | Kan ondanks begeleiding nauwelijks reizen.

Subrubriek 3 Slapen

Beschrijving: Deze subrubriek beschrijft hoe iemand slaapt en wakker wordt. De slaap is voor elke persoon verschillend. Dat geldt voor de tijd die iemand nodig heeft om in slaap te vallen, de inslaaptijd en of iemand wel of niet tussendoor wakker wordt voor bijvoorbeeld toiletbezoek en hoeveel tijd het kost om weer in te slapen, het doorslapen. Verder varieert de lengte van de benodigde slaap voor iedereen en ook met de leeftijd. De slaap is niet elke dag hetzelfde en iemand kan in het algemeen prima functioneren na een periode van minder goede slaap zonder overmatige slaperigheid of op ongelegen momenten in slaap vallen. Dromen en nachtmerries komen vaak voor en meestal worden deze weer snel vergeten en iemand slaapt snel weer in. Bij het scoren van beperkingen wordt rekening gehouden met de inslaaptijd, het doorslapen en de frequentie van nachtmerries. Het gebruik van slaapmedicatie is bij de beoordeling van de beperkingen geen noodzakelijke voorwaarde. Iemand kan om diverse redenen slaapmedicatie niet kunnen of willen gebruiken, bijvoorbeeld vanwege bijwerkingen.

Score | Klasse | Beschrijving kenmerken klasse

0 | Klasse 0 | Geen in- of doorslaapproblemen als gevolg van de dienstverbandaandoening.

1 | Klasse 1 | Heeft sporadisch, niet vaker dan eenmaal per week, moeite met inslapen, bijvoorbeeld vanwege anticipatie-angst voor nachtelijke herbelevingen en/of moeite met doorslapen, bijvoorbeeld door hyperarousal en/of nachtmerries als gevolg van de dienstverbandaandoening. Heeft geen moeite om de dagelijkse activiteiten vol te houden en heeft geen noodzaak tot slapen overdag.

2 | Klasse 2 | Heeft soms, niet elke nacht, moeite met inslapen, bijvoorbeeld vanwege anticipatie-angst voor nachtelijke herbelevingen en/of moeite met doorslapen, bijvoorbeeld door hyperarousal en/of nachtmerries als gevolg van de dienstverbandaandoening. Slaapt soms, niet elke nacht onrustig. Heeft enige moeite om gebruikelijke dagelijkse activiteiten vol te houden, maar kan ze wel aan. Heeft geen noodzaak voor slapen overdag.

3 | Klasse 3 | Heeft meerdere keren per week moeite met in slaap vallen Heeft meerdere keren per week moeite met doorslapen, bijvoorbeeld door hyperarousal en/of nachtmerries als gevolg van de dienstverbandaandoening. Slaapt vaak onrustig. Heeft daarom moeite om gebruikelijke dagelijkse activiteiten vol te houden maar kan ze wel aan. Heeft regelmatig tussendoor slaap nodig.

Regeling
Regeling vaststelling invaliditeit met dienstverband
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0026218
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl