wetzoeker

Artikel 8 Binnenvaartregeling

Bij een progressieve of chronische oogaandoening is een specialistisch rapport vereist, waaruit blijkt dat het gezichtsvermogen niet dusdanig wordt bedreigd dat binnen afzienbare tijd niet meer kan worden voldaan aan de criteria:

a. Gezichtsscherpte:

getest bij daglicht bedraagt deze, met of zonder optische hulpmiddelen ten minste 0,5 met beide ogen gezamenlijk. Met één oog zien is toegestaan.

indien bij de keuring gebruik moet worden gemaakt van optische correctiemiddelen, moet aan de keurend arts een adequate reservebril worden getoond;

b. Contrastzien:

alleen in twijfelgevallen te onderzoeken:

mesotest zonder verblinding bij een helderheidsniveau van 0,032 cd/m2. Resultaat is contrast 1:2,7;

c. Gewenning aan de duisternis:

alleen in twijfelgevallen te onderzoeken:

het resultaat mag niet meer dan een log-eenheid van de normaalkromme afwijken;

d. Gezichtsveld:

het horizontale gezichtsveld moet ten minste 120 graden bedragen. Het gezichtsbereik moet ten minste 50 graden links en rechts en 20 graden naar boven en beneden bedragen. Binnen een straal van 20 graden vanuit het centrum van het gezichtsveld mogen zich geen gebreken voordoen.

Ten minste één oog moet voldoen aan de maatstaf inzake de gezichtsscherpte en het gezichtsveld zonder pathologische scotomen hebben. Formeel onderzoek door een oogarts is verplicht indien afwijkingen zijn gevonden tijdens het eerste onderzoek of in geval van glaucoom of retinale dystrofie;

e. Kleurenonderscheidingsvermogen:

bij het onderzoek van het kleurenonderscheidingsvermogen, verricht bij de in de betreffende test voorgeschreven belichting is een score van 2 fouten bij de Ishiharatest een reden voor nader onderzoek met een specialistische kleurentest, tenzij uit verslag van een eerder onderzoek door een oogarts al blijkt dat onderstaande grenzen niet worden overschreden. Een reden voor ongeschiktheid is een grotere afwijking dan de volgende uitkomsten:

1°. Velhagen/Broschmann (resultaat met ten hoogste twee fouten);

2°. Kuchenbecker-Broschmann (ten hoogste twee fouten);

3°. HRR (resultaat ten minste ‘mild’);

4°. TMC (resultaat ten minste ‘second degree’);

5°. Holmes-Wright B (resultaat met ten hoogste 8 fouten bij ‘small’);

6°. Farnsworth Panel D-15-test (minimumresultaat: ten hoogste één diametrale inversie in de geklasseerde kleurenrangschikking); danwel

7°. CAD-test (Colour Assessment and Diagnosis test) (resultaat met ten hoogste vier CAD-eenheden).

In geval van twijfel kan onderzoek plaatsvinden met de anomaloscoop, (waarbij de anomaal quotiënt moet liggen tussen 0,7 en 1,4) of met een andere gelijkwaardige test;

Het gebruik van optische correctie voor het kleurenonderscheidingsvermogen door filterglas, zoals getinte contactlenzen en een getinte bril, is niet toegestaan.

f. Motiliteit:

Onbelemmerde beweeglijkheid van de ogen; geen dubbelzien.

Regeling
Binnenvaartregeling
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
23-09-2026
BWB-id
BWBR0025958
Versie
2026-09-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl