wetzoeker

Artikel 28 — Gasleidingen- en slangen Binnenvaartregeling

Gasleidingen- en slangen

1. Een gasleiding voor CNG waarin de druk hoger kan zijn dan 2500 Kpa:

a. heeft een buitendiameter van niet meer dan 12 mm;

b. is van naadloos roestvast staal; en

c. voldoet aan de op het moment van installatie voor dergelijke gasleidingen geldende normen van ISO 2604-2.

2. Een gasleiding voor CNG waarin de druk hoger kan zijn dan 50 Kpa:

a. is van naadloos roestvast staal of naadloos koper;

b. heeft een buitendiameter van niet meer dan 12 mm; en

c. heeft een wanddikte van tenminste 0,8 mm.

3. Ten aanzien van een roestvaststalen gasleiding als bedoeld in het eerste lid is voorzien in een inspectiecertificaat volgens de op het moment van afgifte van het certificaat geldende normen van NEN-EN 10204 – 3.1.B, of een gelijkwaardig testrapport.

4. Indien het gebruik van gasleidingen om constructietechnische redenen niet goed mogelijk is, is het toegestaan over korte afstanden gebruik te maken van door de minister goedgekeurde gasslangen.

5. Gasslangen zijn niet langer dan één jaar geleden geproduceerd. Indien alleen het productiejaar is vermeld, geldt 31 december van dat jaar als productiedatum.

Regeling
Binnenvaartregeling
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
23-09-2026
BWB-id
BWBR0025958
Versie
2026-09-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl