wetzoeker

Artikel 11 Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure

1 Het bedrag, bedoeld in artikel 25, tweede lid, van de verordening, dat in rekening wordt gebracht voor een verzoek om een Europees betalingsbevel, wordt vastgesteld overeenkomstig de Wet griffierechten burgerlijke zaken. Is het bedrag, bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder b, van de verordening, niet hoger dan het bedrag genoemd in artikel 93 onder a, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering of betreft het een zaak als bedoeld onder c van dat artikel, dan worden de griffierechten voor kantonzaken als bedoeld in de bijlage bij de Wet griffierechten burgerlijke zaken geheven.

2 Van de verweerder wordt geen griffierecht geheven voor de indiening van een verweerschrift als bedoeld in artikel 16 van de verordening.

3 Wordt de procedure voortgezet na indiening van een verweerschrift, dan wordt van de verweerder overeenkomstig de regels van de Wet griffierechten burgerlijke zaken griffierecht geheven als hij ook in de voortgezette procedure verschijnt.

Regeling
Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-09-2017
BWB-id
BWBR0025921
Versie
2017-09-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl