wetzoeker

Paragraaf 3.3.4 — belemmering Circulaire voor Optie/Naturalisatieverzoeken in het buitenland

belemmering

Op grond van artikel 4 Besluit naturalisatietoets juncto artikelen 5 en 6 van de Regeling naturalisatietoets Nederland is een verzoeker om naturalisatie ontheven van het afleggen van het inburgeringsexamen, als de verzoeker heeft aangetoond:

a. door een psychische of lichamelijke belemmering, dan wel een verstandelijke handicap, niet binnen vijf jaar in staat te zijn het inburgeringsexamen te halen; of

b. dat op grond van door hem geleverde inspanningen het voor hem redelijkerwijs niet mogelijk is het inburgeringsexamen te behalen.

Ad. a

Een verzoeker om naturalisatie wordt ontheven van het afleggen van het inburgeringsexamen als de verzoeker heeft aangetoond door een psychische of lichamelijke belemmering, dan wel een verstandelijke handicap, niet in staat is het inburgeringsexamen te halen.

Bij de medische belemmering geldt dat als te verwachten is dat betrokkene niet binnen vijf jaren op reguliere wijze of met bijzondere examenomstandigheden het inburgeringsexamen kan afleggen, reden tot ontheffing bestaat. Eenzelfde termijn van vijf jaren wordt gehanteerd bij de beoordeling of het voor betrokkene redelijkerwijs mogelijk is om het inburgeringsexamen te behalen.

Voordat hij het verzoek om naturalisatie in behandeling neemt, onderzoekt de Minister van Buitenlandse Zaken of aan de voorwaarden voor ontheffing van de naturalisatietoets wordt voldaan. Betrokkene moet zelf aantonen dat hij in aanmerking komt voor ontheffing. In alle gevallen moet ervan uitgegaan worden dat ontheffing alleen in uitzonderlijke gevallen wordt verleend. Voordat hij het verzoek om naturalisatie in behandeling neemt, onderzoekt de Minister van Buitenlandse Zaken of aan de voorwaarden voor ontheffing wordt voldaan.

Hij doet dit in het geval van een psychische of lichamelijke belemmering dan wel verstandelijke handicap aan de hand van een gemotiveerde verklaring van een arts of deskundige, die op de dag van indiening van het naturalisatieverzoek niet ouder is dan zes maanden. Uit die verklaring moet blijken dat er sprake is van een belemmering of een handicap op grond waarvan betrokkene niet in staat is binnen vijf jaar het inburgeringsexamen te behalen. De Minister van Buitenlandse Zaken baseert zich bij zijn oordeel op vorengenoemde verklaring en neemt dit op in zijn advies aan de IND. Bij twijfel kan hij het advies, door tussenkomst van Onze Minister- en alvorens het verzoek in behandeling te nemen – door de IND laten controleren. De IND neemt in dat geval onmiddellijk een beslissing op het ontheffingsberoep en stelt de post hiervan in kennis.

Ad b

Hoewel in artikel 4 van het Besluit naturalisatietoets juncto artikelen 5 en 6 van de Regeling naturalisatietoets Nederland is opgenomen dat ook een verzoeker om naturalisatie in het buitenland een beroep kan doen op ontheffing van het inburgeringsexamen wegens aantoonbaar geleverde inspanningen, zijn vanaf 1 juli 2013 voor verzoekers in het buitenland geen beleidsregels hiervoor opgesteld. Mocht een verzoeker in het buitenland vanaf 1 juli 2013 een beroep doen op deze ontheffing, dan zal dit per geval worden beoordeeld.

Regeling
Circulaire voor Optie/Naturalisatieverzoeken in het buitenland
Soort
Circulaire
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0025740
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl