wetzoeker

Artikel 12 Binnenvaartbesluit

Bemanning

1 De categorieën schepen, bedoeld in artikel 22, eerste lid, van de wet, zijn:

a. schepen met een lengte van ten minste 20 meter;

b. sleepboten, duwboten of sleepduwboten, tenzij:

1°. ze blijkens een verklaring van Onze Minister uitsluitend worden gebruikt als pleziervaartuig, en

2°. ze overeenkomstig de voorwaarden gesteld op die verklaring worden gebruikt;

c. passagiersschepen;

d. veerponten;

e. veerboten;

f. drijvende werktuigen;

g. binnenschepen die voor het vervoer van gevaarlijke stoffen als bedoeld in de Wet vervoer gevaarlijke stoffen zijn toegelaten;

h. schepen die krachtens het Binnenvaartpolitiereglement en het Rijnvaartpolitiereglement 1995 zijn toegelaten tot het ligplaats nemen langszijde van een schip als bedoeld in onderdeel g; of

i. samenstellen van hecht aan elkaar verbonden schepen met een gezamenlijke afmeting als bedoeld in onderdeel a.

2 Tot de in het eerste lid genoemde categorieën behoren niet:

a. pleziervaartuigen en reddingsboten;

b. bunkerstations;

c. zeeschepen die uitsluitend worden gebruikt voor het vangen van vis op zee als bedoeld in de Visserijwet 1963;

d. zeeschepen, niet zijnde een sleepboot:

1°. die gebruik dienen te maken van een loods en zich bevinden op de scheepvaartwegen, bedoeld in de artikel 10, eerste, tweede, derde en vierde lid, van de Scheepvaartverkeerswet en de daarop berustende bepalingen;

2°. die van de loodsplicht zijn vrijgesteld of ontheven op grond van artikel 11, eerste lid, van de Scheepvaarverkeerswet en zich bevinden op de scheepvaartwegen, bedoeld onder 1°;

e. zeeschepen die voldoen aan bij regeling van Onze Minister overeenkomstig bindende besluiten van organen van de Europese Unie dan wel anderszins ter uitvoering van verdragen of bindende besluiten van volkenrechtelijke organisaties gestelde regels.

Regeling
Binnenvaartbesluit
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-06-2025
BWB-id
BWBR0025631
Versie
2025-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl