wetzoeker

ad 4 — Psychische en morele factoren Regeling preïmplantatie genetische diagnostiek

Psychische en morele factoren

In de beoordeling van de vraag of PGD daadwerkelijk kan worden toegepast in die gevallen waarin PGD op basis van bovengenoemde medische criteria geïndiceerd is, worden door behandelaars ook de volgende psychische en morele factoren meegewogen:

• de door de gendrager ervaren psychische belasting, waaronder ook de belasting van het periodiek onderzoek;

• mate van acceptatie van de diverse reproductieve opties voor de patiënt in kwestie (waarbij is inbegrepen de zeer moeilijke afweging tussen eventueel PGD en PND);

• eerdere ervaringen van de patiënt, zoals het al dan niet herhaald afbreken van de zwangerschap, ofwel veroorzaakt door een miskraam wegens de genetische mutatie die de foetus heeft, ofwel na prenatale diagnostiek.

De criteria van psychische en morele aard kunnen worden gehanteerd bij de afweging van behandelaars om in die gevallen waarbij PGD geïndiceerd is, nog tot een verdere afbakening te komen. Het omgekeerde is echter niet het geval. Psychische en morele criteria op zich kunnen nooit een rechtvaardiging voor PGD zijn in die gevallen waarbij betrokkene op basis van de medische criteria voor de behandeling zou moeten afvallen.

Regeling
Regeling preïmplantatie genetische diagnostiek
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
06-04-2013
BWB-id
BWBR0025355
Versie
2013-04-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl