wetzoeker

4.6 — Standsverschillen en standenonderwijs Regeling centraal examen 2006

Standsverschillen en standenonderwijs

Hoewel sinds 1798 alle burgers voor de wet gelijk waren, was de standenmaatschappij niet verdwenen. De schoolwet van 1806 tastte de structuur van het bestaande onderwijsaanbod niet aan; er bleef dus sprake van standenonderwijs. De openbare scholen: armenscholen voor kinderen van bedeelde ouders, tussenscholen voor kinderen van niet bedeelde armen en stadsscholen, waar een beperkte bijdrage van ouders werd gevraagd vormden het volksonderwijs, uit publieke middelen bekostigd en meestal krap bij kas. De hogere burgerij had de economische mogelijkheden om hun kinderen particulier onderwijs te laten geven. Kinderen uit de hoogste kringen ontvingen veelal thuis privé-onderwijs. Naarmate ouders meer geld aan het onderwijs van hun kinderen besteedden, was dit onderwijs van betere kwaliteit. Alleen op de dorpsscholen zaten rijke en arme kinderen in één klas. Maar ook hier zaten de armere kinderen vaker op de achterste bankjes en leerden alleen de rijkere kinderen - tegen extra betaling - naast lezen ook schrijven en rekenen.

Regeling
Regeling centraal examen 2006
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-08-2004
BWB-id
BWBR0024727
Versie
2004-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl