wetzoeker

6.10 — De sociale kwestie Regeling centraal examen 2006

De sociale kwestie

De discussie rond de uitbreiding van het kiesrecht raakte aan de ’sociale kwestie’. Hoewel de economische groei een gestage verbetering van het welvaartspeil in de lagere inkomensgroepen liet zien, kwamen daarnaast schrijnende armoede, sociale wantoestanden en drankmisbruik voor onder de armste bevolkingsgroepen. De lagere inkomensgroepen namen geen deel aan het politieke en maatschappelijke leven dat werd gedomineerd door de burgerij. Maar met name progressief liberalen voorzagen dat op den duur al deze bevolkingsgroepen toch als gelijkberechtigde in de politieke en sociaal-culturele gemeenschap opgenomen zouden moeten worden. De vraag was nu of het liberale principe dat er vanuit ging dat iemand daartoe slechts gerechtigd was op grond van de prestaties die hij leverde, de leer van de ’productieve deugd’, in deze situatie overeind kon blijven.

Onder invloed van de sociale kwestie veranderde het traditionele liberale denken over burgerschap, overheid en kiesrecht in met name progressief-liberale kring. Men kwam tot de conclusie dat een volwaardig burgerschap volgens liberale criteria voor sommige bevolkingsgroepen zonder hulp van de overheid niet te verwezenlijken was. De koppeling tussen economische zelfstandigheid en kiesrecht werd losgelaten. Iedereen diende kiesrecht te bezitten. De onafhankelijkheid van burgers moest door de overheid via sociale wetgeving bevorderd worden. De verpauperde onderklasse voor wie dit ideaalbeeld onbereikbaar was of leek, werd tegen het einde van de eeuw via een burgerlijk beschavingsoffensief een levenswijze voorgehouden overeenkomstig het liberale burgerschapsideaal. De kabinetsperiode van het progressief-liberale kabinet Pierson-Goeman Borgesius, dat in 1897 aantrad, kenmerkte zich door een indrukwekkende activiteit op het gebied van sociale wetgeving. Er kwam een Ongevallenwet, een Woningwet en er kwamen wetten ter bescherming van kinderen tegen verwaarlozing en mishandeling, de zogenoemde Kinderwetten. Het kabinet regelde ook de Wet op de Leerplicht (1901).

Regeling
Regeling centraal examen 2006
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
01-08-2004
BWB-id
BWBR0024727
Versie
2004-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl