Titel II — Douanemanifest bij uitgang Algemene douaneregeling
Douanemanifest bij uitgang
Lijst van functionele gegevens die opgenomen moeten worden in het elektronische bericht ‘Bericht van lading’ (‘Douanemanifest bij uitgang’) zoals bedoeld in artikel 6:2, tweede lid, van de regeling.
Nummer | Gegevenselement | Toelichting
1 | Soort document | Soort document in de vastgestelde code (zie codeboek Douane, onderdeel algemeen, tabel A28)
2 | Documentnummer | Het nummer van het handels- of administratief bescheid zoals een nummer van een manifest
3 | Bezoeknummer | Uniek nummer dat van een vaar- of vliegtuig een specifieke aankomst en/of een specifiek vertrek identificeert op dezelfde (lucht)haven
4 | Douanekantoor van uitgang | Kantoor van uitgang waar de goederen het douanegebied van de Unie verlaten, hebben verlaten of vermoedelijk gaan verlaten in de vastgestelde code (zie codeboek Douane, onderdeel DWU AES Uitgaan, tabel S20)
5 | EORI-nummer vervoerder | Identificatie – door middel van het door de Douane afgegeven EORI-nummer – van degene die de goederen buiten het douanegebied brengt, heeft gebracht of gaat brengen
61 | NAW gegevens vervoerder (carrier)
72 | Contactgegevens vervoerder (carrier)
8 | EORI-nummer agent | Identificatie – door middel van het door de Douane afgegeven EORI-nummer – van degene die het bericht van lading indient als dit een ander is dan onder 5
92 | Contactgegevens agent
10 | Reiscode | Identificatie van de vervoersbeweging, bijvoorbeeld reis- of vluchtnummer
11 | Wijze van vervoer | Volgens de vastgestelde code de wijze van vervoer vermelden die overeenstemt met het actieve vervoermiddel waarop of waarin de goederen het douanegebied van de Unie verlaten, hebben verlaten of gaan verlaten (zie codeboek Douane, onderdeel DWU AES Uitgaan, tabel A27)
12 | Registratienummer vervoermiddel | Identificatie van het uitgaande vervoermiddel waarop de goederen het douanegebied van de Unie verlaten, hebben verlaten of gaan verlaten. Bij vervoer over zee het IMO-identificatienummer of het ENI-identificatienummer vermelden. Bij vervoer door de lucht hoeft dit gegeven niet ingevuld te worden
13 | Naam vervoermiddel | Identificatie van het actieve vervoermiddel waarop de goederen het douanegebied van de Unie verlaten, hebben verlaten of gaan verlaten. Vermeld de naam van het vervoermiddel bij een vaartuig, vermeld de callsign bij een luchtvaartuig
14 | Loshaven | Naam van de (lucht)haven of vrachtoverslagplaats of elke andere plaats waar de goederen gelost worden van het vervoermiddel
15 | Verwachte vertrekdatum en tijdstip | (Verwachte) vertrekdatum en tijdstip van het actieve vervoermiddel waarop de goederen het douanegebied gaan verlaten of hebben verlaten
16 | Soort document | Soort document op grond waarvan de goederen de EU gaan verlaten (bijvoorbeeld aangifte ten uitvoer of elektronisch administratief document), volgens de vastgestelde code (zie codeboek Douane, onderdeel DWU AES Uitgaan, tabel A28)
17 | Nummer document | Nummer van het onder 16 vermeldde document
18 | Volgnummer | Opvolgend nummer die elk apart artikel in een document of aangifte identificeert
19 | Indicatie deelzending | Volgens de vastgestelde code vermelden of het een deelzending betreft (zie codeboek Douane, onderdeel DWU AES Uitgaan, tabel N10
20 | Bruto gewicht | Brutogewicht van alle goederen vermeld in het onder 16 en 17 genoemde document inclusief verpakking maar exclusief het materiaal van de degene die de goederen buiten het douanegebied van de Unie brengt, heeft gebracht of gaat brengen
21 | Artikel/zendingnummer | Bij toepassing van artikel 270, derde lid, onderdeel b, van het Douanewetboek van de Unie (‘transhipment’) wordt verwezen naar het artikel/zendingnummer van de Aangifte tot tijdelijke opslag zoals bedoeld in artikel 2:5
1 Deze gegevens hoeven niet te worden vermeld als bij gegevenselement 5 een EORI-nummer is vermeld.
2 Deze gegevenselementen zijn optioneel.
- Regeling
- Algemene douaneregeling
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 01-07-2026
- BWB-id
- BWBR0024291
- Versie
- 2026-07-01_0