wetzoeker

Actorenoverzicht Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gerechtsdeurwaarders vanaf 1945 (Minister van Economische Zaken)

Beschrijving van de in dit BSD opgenomen actoren op het beleidsterrein betreffende de Gerechtsdeurwaarders.

Minister van Justitie

De Minister van Justitie is de belangrijkste actor in het beleid ten aanzien van de gerechtsdeurwaarders. Aanvankelijk werden de deurwaarders door de Minister van Justitie benoemd. Nadat het Deurwaardersreglement van 1934 in 1960 was gewijzigd en opnieuw was vastgesteld, geschiedde dit per KB. Daarnaast stelde de Minister van Justitie het aantal deurwaarders vast en wees hun standplaatsen toe. Nadat in 2001 de Gerechtsdeurwaarderswet in werking was getreden, waarbij het standplaatsenbeleid werd losgelaten, besliste de Minister over benoeming van nieuwe deurwaarders op grond van een door een kandidaat-gerechtsdeurwaarder ingediend ondernemingsplan. Zowel bij het Deurwaardersreglementen van 1934, het Deurwaardersreglement van 1960, als bij de Gerechtsdeurwaarderswet is de Minister van Justitie de vaststelling van nadere regelgeving opgedragen ten aanzien de bedrijfsuitoefening, toezicht/tuchtrechtspraak en opleiding/examinering van kandidaat-deurwaarders.

Commissie deurwaardersexamen

De Minister van Justitie diende conform het Deurwaardersreglement (Stb 1934, 598, Stb. 1960, 562) nadere voorschriften vast te stellen met betrekking tot het deurwaardersexamen. Dit leidde tot de uitvaardiging van Reglementen deurwaardersexamen (zie overzicht wetgeving). Daarin was bepaald dat de Minister van Justitie een commissie benoemde die was belast met het afnemen van het deurwaardersexamen. De Commissie deurwaardersexamen diende verslag te doen aan de Minister over haar verrichtingen. Met de wijziging van het beleid ten aanzien van de opleiding van kandidaat gerechtsdeurwaarders en de daaraan verbonden toetsing van de cursisten door erkende opleidingsinstituten, verdween het staatsexamen. Het Reglement deurwaardersexamen 1972 (Stcr. 1973, 1) bleef tot 1997 van toepassing voor personen die op het tijdstip van de inwerkingtreding van de Regeling opleiding kandidaat-gerechtsdeurwaarders aan de vereisten voor toelating tot het staatsexamen voldeden (art. 14, Regeling opleiding kandidaat-gerechtsdeurwaarders, Stcr. 1995, 123).

Commissie Opleiding

In 1995 werd met de Regeling opleiding kandidaat-gerechtsdeurwaarders (Stcr. 1995, 123) een Commissie opleiding ingesteld, die een adviserende taak vervult zowel ten behoeve van de Minister van Justitie als ten behoeve van de opleider. De commissie diende daarvoor ook periodiek onderzoek te verrichten om vast te kunnen stellen of de beroepsuitoefening reden gaf tot bijstelling van de opleiding. Tenslotte dient de Commissie opleiding beroepsschriften van cursisten en stagiairs te behandelen. Met de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving in 2001, bleef de Commissie opleiding gehandhaafd (art. 2, Besluit opleiding en stage kandidaat-gerechtsdeurwaarder, Stb. 2001, 326).

Commissie tarieven gerechtsdeurwaarders

De Commissie tarieven gerechtsdeurwaarders werd in 2000 in het leven geroepen als een adviesorgaan voor de Minister van Justitie (Besluit tot instelling van een Commissie tarieven gerechtsdeurwaarders, Stcr. 2000, 16).

Commissie tot het instellen en opheffen van de deurwaardersstandplaatsen (1968–1998)

Deze commissie werd in 1968 ingesteld bij Ministerieel besluit (Stcr. 1968, 154) om te dienen als een adviesorgaan van de Minister van Justitie. Met de invoering van het Interim-beleid toewijzing deurwaardersstandplaatsen in 1996 (Stcr. 1996, 192) kreeg de Commissie Deurwaarders-standplaatsen een adviserende rol ten aanzien van door kandidaat-gerechtsdeurwaarders ingediende ondernemingsplannen. De rol van de Commissie eindigde met de opschorting van dit interim-beleid in 1998 (Stcr. 1998, 20).

Gerechtsdeurwaarder

De gerechtsdeurwaarder voert de hem door de wet opgedragen ambtshandelingen uit. Deze ambtshandelingen is hij verplicht te registreren in een repertorium en in een register (Deurwaardersreglement, Stb. 1934, 598; Deurwaardersreglement, Stb. 1960, 562; Gerechtsdeurwaarderswet, Stb. 2001, 70).

Toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder

Voordat iemand tot gerechtsdeurwaarder kan worden benoemd, moet hij of zij eerst de opleiding kandidaat-gerechtsdeurwaarder volgen. Een kandidaat-gerechtsdeurwaarder verricht ambtshandelingen en verstrekt advies aan opdrachtgevers en schuldenaren.

Na afronding van de driejarige opleiding is men kandidaat-gerechtsdeurwaarder. Daarna dient een stage van één jaar vervuld te worden. De stage houdt in dat men als (stagiair) toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder onder verantwoordelijkheid van de gerechtsdeurwaarder/stagebegeleider optreedt. Na het voltooien van de stage kunnen de ambtelijke werkzaamheden als toegevoegd kandidaat-gerechtsdeurwaarder zijn gewerkt voordat benoeming tot gerechtsdeurwaarder kan volgen.

De Interdepartementale werkgroep Gerechtsdeurwaarders (de Commissie Opstelten)

Deze Commissie, die deel uitmaakte van de operatie Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit (MDW), adviseerde de Ministers van Economische Zaken en Justitie. De werkgroep keek naar regels op het gebied van exclusieve bevoegdheden, het standplaatsenbeleid, de tarieven, de gedrags- en beroepsregels, de opleiding en de titelbescherming. De bevindingen van de werkgroep werden verwerkt in de Gerechtsdeurwaarderswet (Stb. 2001, 70).

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gerechtsdeurwaarders vanaf 1945 (Minister van Economische Zaken)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
12-03-2008
BWB-id
BWBR0023597
Versie
2008-03-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl