wetzoeker

Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2008

Regeling van de Minister van Economische Zaken van 28 februari 2008, nr. WJZ 8024254, houdende aanwijzing van categorieën productie-installaties voor de stimulering van duurzame energieproductie in het jaar 2008 (Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2008)

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
09-10-2009
Rechtsgebied
Ondernemingspraktijk
Ministerie
Economische Zaken
BWB-id
BWBR0023566
Versie
2009-10-09_0
SHA-256 bron
a4d91582f314beb2a9a8f9c4884af9d48d344a386c177ff10c63b37f8624630b

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (52)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 2
  3. Artikel 3
  4. Artikel 4
  5. Artikel 5
  6. Artikel 6
  7. Artikel 7
  8. Artikel 8
  9. Artikel 9
  10. Artikel 10
  11. Artikel 11
  12. Artikel 12
  13. Artikel 13
  14. Artikel 14
  15. Artikel 15
  16. Artikel 16
  17. Artikel 17
  18. Artikel 18
  19. Artikel 19
  20. Artikel 20
  21. Artikel 21
  22. Artikel 22
  23. Artikel 23
  24. Artikel 24
  25. Artikel 25
  26. Artikel 26
  27. Artikel 27
  28. Artikel 28
  29. Artikel 29
  30. Artikel 30
  31. Artikel 31
  32. Artikel 32
  33. Artikel 33
  34. Artikel 34
  35. Artikel 35
  36. Artikel 36
  37. Artikel 37
  38. Artikel 38
  39. Artikel 39
  40. Artikel 40
  41. Artikel 41
  42. Artikel 42
  43. Artikel 42a
  44. Artikel 42b
  45. Artikel 42c
  46. Artikel 42d
  47. Artikel 42e
  48. Artikel 42f
  49. Artikel 43
  50. Artikel 44
  51. Artikel 45
  52. Bijlage

§ 1 — Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a. Minister: de Minister van Economische Zaken;

b. besluit: het Besluit stimulering duurzame energieproductie;

c. productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op land: een productie-installatie die niet is opgericht in de territoriale zee of in de exclusieve economische zone, waarmee hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd met behulp van windenergie;

d. productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van afvalverbranding: een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd uit de warmte die uitsluitend of in hoofdzaak is geproduceerd door:

1°. de verbranding van afvalstoffen,

2°. een andere thermische behandeling van afvalstoffen dan bedoeld onder 1° ingeval de producten daarvan vervolgens worden verbrand, of

3°. de verbranding van producten die voortkomen uit thermische behandeling van afvalstoffen;

e. gewogen maandelijks rendement: het rendement, bedoeld in artikel 1, vierde lid, van de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit;

f. productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties: een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd:

1°. uit gas dat vrijkomt tengevolge van biologische afbraakreacties uit gestorte afvalstoffen, of

2°. uit gas dat vrijkomt tengevolge van biologische afbraakreacties bij de zuivering van huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater en afvloeiend hemelwater;

g. co-vergisting van dierlijke mest: de biologische afbraakreacties van in hoofdzaak verpompbare vaste en vloeibare uitwerpselen van dieren en een of meer producten genoemd in de Meststoffenbeschikking 1977, bijlage I, hoofdstuk III, typeaanduiding ‘co-vergiste mest’ zoals deze luidde op 31 december 2007;

h. NTA 8003: de Nederlandse Technische Afspraak 8003, Classificatie van biomassa voor energietoepassing, uitgegeven door het Nederlands Normalisatie-instituut, zoals deze luidde op 1 december 2003;

i. vergisting van groente-, fruit- en tuinafval: de biologische afbraakreacties van biomassa als bedoeld in de nummers 601 tot en met 609 van de NTA 8003;

j. thermische conversie van vaste biomassa: de omzetting van biomassa als bedoeld in de NTA 8003, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 540 tot en met 548 van de NTA 8003, door middel van:

1°. verbranding,

2°. een andere thermische behandeling dan bedoeld onder 1° ingeval de producten daarvan vervolgens worden verbrand, of

3°. de verbranding van producten die voortkomen uit thermische behandeling;

k. productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties: een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd:

1°. uit gas dat vrijkomt tengevolge van biologische afbraakreacties uit gestorte afvalstoffen, of

2°. uit gas dat vrijkomt tengevolge van biologische afbraakreacties bij de zuivering van huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater en afvloeiend hemelwater.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.1 — Algemeen

Artikel 2

Het subsidieplafond voor het in 2008 verlenen van subsidies voor de productie van hernieuwbare elektriciteit bedraagt € 1401 miljoen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 3

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op land.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 december 2008.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 4

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 3, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt € 796 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 5

Subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 6

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op land bedraagt 1760 uren per jaar.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 7

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt € 0,110 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.2 — Windenergie op land

Artikel 8

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt € 0,050 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 9

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonlicht met behulp van fotovoltaïsche zonnepanelen met een vermogen groter dan 0,6 kWp en kleiner of gelijk aan 3,5 kWp, welke zijn geplaatst op, aan of tegen een bouwwerk waarvoor een bouwvergunning als bedoeld in de Woningwet is verkregen.

2 Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 15, vierde lid, van het besluit.

3 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 augustus 2008.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 10

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 9, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt € 83 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 11

Subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 12

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonlicht met behulp van fotovoltaïsche zonnepanelen met een vermogen groter dan 0,6 kWp en kleiner of gelijk aan 3,5 kWp, welke zijn geplaatst op, aan of tegen een bouwwerk waarvoor een bouwvergunning als bedoeld in de Woningwet is verkregen, bedraagt 850 uren per jaar.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 13

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt € 0,564 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.3 — Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 14

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt € 0,205 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 15

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van afvalverbranding.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 augustus 2008.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 16

Voor subsidie als bedoeld in artikel 15, eerste lid, is de rapportageverplichting, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie niet van toepassing.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 17

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 15, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 15, eerste lid, bedraagt € 187 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 18

Subsidie als bedoeld in artikel 15, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 19

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van afvalverbranding bedraagt 3880 uren per jaar.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 20

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 15, eerste lid, bedraagt:

a. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 22% en kleiner of gelijk aan 23%, € 0,115 per kWh;

b. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 23% en kleiner of gelijk aan 24%, € 0,115 per kWh;

c. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 24% en kleiner of gelijk aan 25%, € 0,117 per kWh;

d. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 25% en kleiner of gelijk aan 26%, € 0.117 per kWh;

e. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 26% en kleiner of gelijk aan 27%, € 0,119 per kWh;

f. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 27% en kleiner of gelijk aan 28%, € 0,121 per kWh;

g. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 28% en kleiner of gelijk aan 29%, € 0,125 per kWh;

h. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 29% en kleiner of gelijk aan 30%, € 0,130 per kWh;

i. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 30% en kleiner of gelijk aan 31%, € 0,133 per kWh;

j. bij een gewogen maandelijks rendement groter dan 31%, € 0,137 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.4 — Afvalverbranding

Artikel 21

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 15, eerste lid, bedraagt € 0,093 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 22

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 augustus 2008.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 23

Voor subsidie als bedoeld in artikel 22, eerste lid, is de rapportageverplichting, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie niet van toepassing.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 24

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 22, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 22, eerste lid, bedraagt € 10 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 25

Subsidie als bedoeld in artikel 22, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 26

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties bedraagt 8000 uren per jaar.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 27

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 22, eerste lid, bedraagt € 0,058 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.5 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 28

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 22, eerste lid, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 29

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door:

a. verbranding van het biogas uit co-vergisting van dierlijke mest,

b. verbranding van het biogas uit vergisting van groente-, fruit- en tuinafval, of

c. inzet van warmte verkregen uit thermische conversie van vaste biomassa met een nominaal elektrisch vermogen kleiner of gelijk aan 50 MW.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 augustus 2008.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 30

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 29, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 29, eerste lid, bedraagt € 325 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 31

Subsidie als bedoeld in artikel 29, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 32

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door:

a. verbranding van het biogas uit co-vergisting van dierlijke mest,

b. verbranding van het biogas uit vergisting van groente-, fruit- en tuinafval, of

c. inzet van warmte verkregen uit thermische conversie van vaste biomassa met een nominaal elektrisch vermogen kleiner of gelijk aan 50 MW,

bedraagt 8000 uren per jaar.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 33

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 29, eerste lid, bedraagt € 0,120 per kWh.

§ 2 — Hernieuwbare elektriciteit › § 2.6 — Biomassa

Artikel 34

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 29, eerste lid, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.1 — Algemeen

Artikel 35

Het subsidieplafond voor het in 2008 verlenen van subsidies voor de productie van hernieuwbaar gas bedraagt € 58 miljoen.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 36

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode van 1 april 2008 tot 1 augustus 2008.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 37

Voor subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, is de rapportageverplichting, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie niet van toepassing.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 38

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 36, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, bedraagt € 16 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 39

Subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 40

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbaar gas met gebruik van stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties bedraagt 8000 uren per jaar.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 41

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, bedraagt € 0,277 per Nm3.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.2 — Stortgas of biogas uit afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 42

De basisgasprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, bedraagt € 0,140 per Nm3.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42a

1 De Minister verstrekt op aanvraag subsidie aan producenten van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas met gebruik van:

a. biogas uit co-vergisting van dierlijke mest, of

b. biogas uit vergisting van groente-, fruit- en tuinafval, die voldoet aan de in de bijlage bij deze regeling opgenomen emissie-eisen.

2 Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ingediend in de periode die aanvangt op de eerste dag van de tweede week na de dag van inwerkingtreding van de regeling tot 1 december 2008.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42b

1 Het subsidieplafond voor het in de artikel 42a, tweede lid, bedoelde periode verlenen van subsidie als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, bedraagt € 42 miljoen.

2 De Minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42c

Subsidie als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42d

Het maximaal aantal vollasturen voor productie-installaties voor de productie van hernieuwbaar gas met gebruik van

a. biogas uit co-vergisting van dierlijke mest, of

b. biogas uit vergisting van groente-, fruit- en tuinafval,

bedraagt 8000 uren per jaar.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42e

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, bedraagt € 0,44 per Nm3.

§ 3 — Hernieuwbaar gas › § 3.3 — Biomassa

Artikel 42f

De basisgasprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 42a, eerste lid, bedraagt € 0,140 per Nm3.

§ 4 — Wijzigingen in andere regelgeving

Artikel 43

Wijzigt de Regeling garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit.

§ 5 — Slotbepalingen

Artikel 44

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit stimulering duurzame energieproductie in werking treedt.

§ 5 — Slotbepalingen

Artikel 45

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2008.

Bijlage

Bijlage

Vervallen