wetzoeker

Artikel 2.9 Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid

Meldingen bij einde ongeoorloofde afwezigheid

1 Indien de ongeoorloofd afwezige behorend tot groep A zichzelf meldt, informeert de directeur van de inrichting waar hij zich heeft gemeld, dan wel de directeur van de inrichting waar hij staat ingeschreven, hierover:

a. het Landelijk Meldpunt, onmiddellijk telefonisch;

b. de divisiedirecteur GW/VB of de divisiedirecteur IZ; de directeur stelt daartoe de door de divisiedirecteur aangewezen ambtenaar uiterlijk de eerstvolgende werkdag telefonisch op de hoogte.

2 Indien de ongeoorloofd afwezige behorend tot groep B zichzelf meldt, informeert de directeur van de inrichting waar hij zich heeft gemeld, dan wel de directeur van de inrichting waar hij staat ingeschreven, hierover zo spoedig mogelijk per elektronische post:

a. het CJIB, in geval van ongeoorloofde afwezigheid behorend tot groep B, onder 1°, dan wel de politie, in geval van ongeoorloofde afwezigheid behorend tot groep B, onder 2°;

b. de divisiedirecteur IZ.

Regeling
Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-09-2025
BWB-id
BWBR0023428
Versie
2025-09-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl