9.1.5.1 Giroverkeer (deel 1) Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein regulering en toezicht bank- en kredietwezen vanaf 1940 (Minister van Verkeer en Waterstaat)
(586) HANDELING
Het voorbereiden van Koninklijke Besluiten tot aanwijzing van met het giraal betalingsverkeer verband houdende werkzaamheden, welke door de Postcheque- en Girodienst mogen worden verricht.
Periode: 1940–1955
Grondslag: Girowet 1936, art. 1.1.b.; Postwet 1954, art. 7.1.
Waardering: b (5)
(587) HANDELING
Het voorbereiden van Koninklijke Besluiten houdende regels ten aanzien van de organisatie, het beheer en het gebruik van de PCGD, de voorwaarden waarop de handelingen en werkzaamheden door de dienst worden verricht, zomede ten aanzien van de rechten, welke worden geheven.
Periode: 1940–1955
Grondslag: Girowet 1936, art. 1.2.
Waardering: b (4)
(596) HANDELING
Het (mede)goedkeuren van door de directeur van de PCGD verleende vrijstellingen van de betaling van rechten bedoeld in artikel 35, lid 1, onder a en d, aan de houders van postrekeningen, geopend ten behoeve van (de takken van) ’s Rijks dienst.
Periode: 1940–1955
Grondslag: Girobesluit 1934, art. 37.2.
Waardering: v Termijn: 10 jaar na vervallen van de vrijstelling
(600) HANDELING
Het vaststellen van Ministeriële regelingen houdende besluiten tot gehele/gedeeltelijke sluiting (cq. wederopenstelling) van girokantoren voor de behandeling van opdrachten tot bijschrijving of afschrijving in geval van gevaar voor ontreddering van de dienst, alsmede tot vaststelling van de voorwaarden waaronder en de wijze waarop rekeninghouders tijdens de sluiting over hun tegoed kunnen blijven beschikken.
Periode: 1940–(1985)
Grondslag: Girobesluit 1934, art. 47.; Girobesluit 1955, art. 7.; Girobesluit 1966, art. 7.
Waardering: b (6)
(605) HANDELING
Het vaststellen van Ministeriële regelingen tot vaststelling van de hoogte van de rente die vergoed wordt aan houders van particuliere postrekeningen (1972 – 1974); tot vaststelling van de categorieën van rekeninghouders aan wie rente over het beschikbare tegoed wordt vergoed en tot vaststelling van de hoogte van die rentevoet (sinds 1974).
Periode: 1955–(1985)
Grondslag: Girobesluit 1955, art. 20.1.; Girobesluit 1966, art. 20.1.
Waardering: b (5)
(606) HANDELING
Het verlenen van machtigingen aan de directeur van de Postcheque- en Girodienst tot het mogen weigeren van opdrachten tot verhoging van rentedragende tegoeden op postrekeningen, dan wel tot weigering van rentevergoeding over bedragen boven een door de directeur der PCGD te bepalen maximum.
Periode: 1982–(1985)
Grondslag: Beschikking van 30 juni 1982, Stcrt. 122, art. 4.; Beschikking van 26 april 1983, Stcrt. 88, art. 4.
Waardering: v Termijn: 10 jaar na vervallen van de machtiging
(616) HANDELING
Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van (Koninklijke Besluiten) waarbij wordt bepaald op welke wijze de bewaring van bij de PCGD belegde gelden zal geschieden.
Periode: 1940–1954
Grondslag: Postwet 1919, art. 22.4.
Waardering: b (5)
(617) HANDELING
Het vaststellen van Ministeriële regelingen houdende regels voor de belegging van gelden van de PCGD, alsmede voor het bewaren van de beleggingen en van de in pand genomen waarden.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 1.3.
Waardering: b (5)
(619) HANDELING
Het voorbereiden van Koninklijke Besluiten tot vaststelling van instructies tot regeling van de werkzaamheden der Commissie van Advies betreffende de bemoeiingen van de openbare lichamen met betrekking tot het betalingsverkeer zonder gereed geld.
Periode: 1940–1955
Grondslag: Girowet 1936, art. 9.2.
Waardering: b (4)
(621) HANDELING
Het vaststellen van beschikkingen tot benoeming van de leden van de Commissie van Advies betreffende de bemoeiingen van de openbare lichamen met betrekking tot het betalingsverkeer zonder gereed geld; het aanwijzen van de voorzitter van die Commissie.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 9.2.
Waardering: v Termijn: 75 jaar na geboortedatum
(622) HANDELING
Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur regelende de wijze waarop de Commissie van Advies betreffende de bemoeiingen van de openbare lichamen met betrekking tot het betalingsverkeer zonder gereed geld van advies dient bij de uitvoering van deze wet.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 9.3.
Waardering: b (4)
(623) HANDELING
Het (mede)opstellen van en het zo nodig voeren van overleg met de andere Minister (de Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT) over adviesaanvragen die aan de Commissie van Advies, ingesteld bij artikel 9 van de Girowet, zullen worden voorgelegd.
Periode: 1940–(1985)
Grondslag: Besluit van den 6den augustus 1937, Stb. 354, art. 2.2.
Waardering: b (5)
(624) HANDELING
Het verlenen van toestemming aan de Commissie van Advies, ingesteld bij artikel 9 van de Girowet 1936, tot openbaarmaking van zijn adviezen.
Periode: 1940–(1985)
Grondslag: Besluit van den 6den augustus 1937, Stb. 354, art. 5.
Waardering: v Termijn : 5 jaar na toestemming
(626) HANDELING
Het verlenen en intrekken van vergunningen aan/van gemeenten die een girodienst willen oprichten/hebben opgericht.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 2.; art. 5.
Waardering: b (5)
(627) HANDELING
Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur houdende bepalingen ten aanzien van gemeentelijke girodiensten (o.a ten aanzien van de belegging van gelden, de deelneming aan het interlokale en internationale betalingsverkeer en de aan de PCGD voor diens bemoeiingen te betalen vergoedingen).
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 2.3; art. 2.4.; art. 2.5.
Waardering: b (5)
(633) HANDELING
Het vaststellen van Ministeriële regelingen houdende vaststelling van de rentevoet en van de voorwaarden in acht te nemen met betrekking tot de saldi-tegoeden welke bij gemeentelijke girodiensten worden aangehouden.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 2.6., zoals gewijzigd bij Wet van 13 april 1978, houdende bepalingen inzake het toezicht op het kredietwezen, art. 57.
Waardering: b (5)
(634) HANDELING
Het vaststellen van beschikkingen (?) waarin aan een gemeentelijke dienst, die al voor inwerkingtreding van de Girowet bestond, voorschriften worden gegeven terzake van de belegging van gelden, de deelneming aan het interlokale en internationale betalingsverkeer en de aan de PCGD voor diens bemoeiingen te betalen vergoedingen.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 3.2.
Waardering: b (5)
(635) HANDELING
Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging en intrekking van algemene maatregelen van bestuur houdende regels volgens welke door de Minister belast met de zorg voor het Staatsbedrijf der PTT en de Minister van Financiën toezicht wordt uitgeoefend op gemeentelijke girodiensten.
Periode: 1940–1985
Grondslag: Girowet 1936, art. 4.
Waardering: b (5)
(637) HANDELING
Het aanwijzen van ambtenaren die inzage nemen in de boeken en bescheiden betreffende de administratie van gemeentelijke girodiensten.
Periode: 1940–(1985)
Grondslag: Gemeentegirobesluit 1938, art. 9.1.
Waardering: v Termijn: 1 jaar na aanwijzing
(638) HANDELING
Het uitoefenen van toezicht op gemeentelijke girodiensten (door te onderzoeken of de voor de diensten geldende bepalingen en voorwaarden worden nageleefd, door zich op de hoogte te stellen van de wijze waarop de diensten worden geëxploiteerd, door zich te overtuigen van de juistheid van de door de diensten verstrekte opgaven en van de wijze, waarop de beleggingen en de in onderpand genomen waarden worden bewaard).
Periode: 1940–(1985)
Grondslag: Gemeentegirobesluit 1938, art. 9. (zie ook: Girowet 1936, art. 4.)
Waardering: b (5)
(639) HANDELING
Het vaststellen van Ministeriële regelingen houdende voorwaarden waaronder gemeentelijke stortings- en ophaaldiensten en gemeentelijke spaardiensten betalingen mogen verrichten aan openbare lichamen en daarmee gelijk te stellen begunstigden, ten behoeve van de daarbij aangeslotenen en ten laste van door dezen bij die diensten aan te houden tegoeden.
- Regeling
- Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein regulering en toezicht bank- en kredietwezen vanaf 1940 (Minister van Verkeer en Waterstaat)
- Soort
- Archiefselectielijst
- Geldend vanaf
- 28-11-2007
- BWB-id
- BWBR0022898
- Versie
- 2007-11-28_0