wetzoeker

Artikel 3 Regeling palliatieve terminale zorg en geestelijke verzorging thuis

Algemene bepalingen

1 Een instellingssubsidie voor palliatieve terminale zorg door vrijwilligers kan worden verstrekt indien de instelling die de palliatieve terminale zorg door vrijwilligers verleent:

a. geen beroepsmatige zorg verleent; dan wel

b. beroepsmatige zorg verleent, mits ten hoogste 20 verpleegkundigen, gerekend naar voltijds dienstverband voor de instelling werkzaam zijn.

2 In afwijking van het eerste lid krijgt een instelling geen subsidie indien deze instelling deel uitmaakt van een overkoepelende organisatie die beroepsmatige zorg verleent en voor de overkoepelende organisatie meer dan 20 verpleegkundigen, gerekend naar voltijds dienstverband werkzaam zijn, tenzij de instelling die palliatieve terminale zorg door vrijwilligers verleent zelfstandig opereert.

3 Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

4 Een instellingssubsidie wordt voor de periode van een boekjaar verstrekt. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Regeling
Regeling palliatieve terminale zorg en geestelijke verzorging thuis
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0022841
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl