6 Gratificaties, schadeloosstelling en vergoeding van kosten Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Arbeidsvoorwaarden Rijkspersoneel vanaf 1945 (Minister van Buitenlandse Zaken)
(193.)
Handeling: Het verlenen van subsidies, bijdragen, vergoedingen, schadeloosstellingen, gratificaties en andere geldelijke uitkeringen ten gunste van (voormalig) personeel dan wel van hun nagelaten betrekkingen
Periode: 1945–1990
Grondslag: Besluit van 19 juni 1924, tot overdracht van enkele bevoegdheden aan de Hoofden der Ministerieele Departementen, Stb. 1924/294; Gratificatiebesluit, Stb. 1950/K 320, art. 1
Waardering: V 10 jaar
(195.)
Handeling: Het vaststellen, wijzigen of intrekken van een ministeriële regeling over schadeloosstelling, kostenvergoedingen en overige geldelijke vergoedingen
Periode: 1991–
Grondslag: ARAR, 12 juni 1931, Stb. 1931/248, art. 69.2; AOB, 3 augustus 1931, Stb. 1931/354 art. 45a.2, zoals gewijzigd bij besluit van 19 oktober 1992, Stb. 1992/638
Waardering: B (5)
(203.)
Handeling: Het vaststellen van nadere voorschriften voor de uitvoering van het Verplaatsingskostenbesluit 1946
Periode: 1947–1962
Grondslag: Verplaatsingskostenbesluit 1946, 18 december 1946, Stb. 1946/G 371, art. 9
Opmerking Voor de vaststelling van de verschillende verplaatsingskostenbesluiten zie handeling 17.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(210.)
Handeling: Het vaststellen van de Verplaatsingskostenregeling 1989 afwijkende regels met betrekking tot tegemoetkomingen in reis- en pensionkosten ten behoeve van belanghebbenden die buiten Nederland werken
Periode: 1989–
Grondslag: Verplaatsingskostenbesluit 1989, 6 oktober 1989, Stb. 1989/424, art. 12.8
Waardering: B (5)
(216.)
Handeling: Het gezamenlijk met de minister van Financiën, vanaf 1959 de minister van Binnenlandse Zaken, beslissen in afwijking van bepalingen van het Verplaatsingskostenbesluit of in gevallen waar het Verplaatsingskostenbesluit niet of niet naar redelijkheid voorziet
Periode: 1947–1989
Grondslag: Verplaatsingskostenbesluit 1946, 18 december 1946, Stb. 1946/G 371, art. 4.3, 5.5; Verplaatsingskostenbesluit 1962, Stb. 1962/150, art 5.6, 5a.2, 9.3, 9.4, 10.3, 11.1 en 15; Reis- en pensionkostenbesluit ongehuwd burgerlijk rijkspersoneel, Stb. 1970/56
Waardering: V 10 jaar
(227.)
Handeling: Het stellen van regels over, of het vaststellen van een van het Reisbesluit afwijkend tarief voor, de vergoeding van verblijfkosten
Periode: 1953–
Grondslag: Reisbesluit 1952, 23 september 1952, Stb. 1952/478, art. 7.4 en 7.5; Reisbesluit 1956, 24 januari 1956, Stb. 1956/43, art. 6.2, 6.7; Reisbesluit 1971, 15 december 1970, Stb. 1970/602, art. 7.3, 10.1; Reisbesluit binnenland, 1 maart 1993, Stb. 1993/144, art. 13.5; Reisbesluit buitenland, 29 juli 1994, Stb. 1994/600, art. 10.6
Waardering: V 5 jaar na wijziging van het tarief
(230.)
Handeling: Het bepalen of een middagmaaltijdtoeslag wordt verleend
Periode: 1971–1993
Grondslag: Besluit vergoeding plaatselijk vervoer en verblijf, 26 november 1956, Stb. 1956/579, art. 9.6; Reisbesluit 1971, 15 december 1970, Stb. 1970/602, art. 8.3
Waardering: V 10 jaar
(231.)
Handeling: Het vaststellen van vaste reissommen die in de plaats treden van de vergoeding voor reis- en verblijfkosten opgenomen in het Reisbesluit
Periode: 1945–
Grondslag: Reisbesluit 1916, 19 oktober 1915, Stb. 1915/451, art. 26; Reisbesluit binnenland, 1 maart 1993, Stb. 1993/144, art 14
Waardering: V 5 jaar na vervanging van de reissommen
(232.)
Handeling: Het vaststellen van een carpoolregeling
Periode: 1993–
Grondslag: Reisbesluit binnenland, 1 maart, 1993, Stb. 1993/144, art. 12
Waardering: B (5)
(233.)
Handeling: Het in afwijking van het Reisbesluit Buitenland treffen van een bijzondere regeling voor bepaalde groepen van personeel
Periode: 1994–
Grondslag: Reisbesluit buitenland, 29 juli 1994, Stb. 1994/600, art. 15
Waardering: B (5)
(235.)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften over de wijze van declareren van reiskosten
Periode: 1993–
Grondslag: Reisbesluit binnenland, 1 maart 1993, Stb. 1993/144, art. 15.1; Reisbesluit buitenland, 29 juli 1994, Stb. 1994/600, art. 16.1
Waardering: V 5 jaar na vervanging van de regeling
(239.)
Handeling: Het goedkeuren van de voor het motorvoertuig van de medewerker afgesloten aansprakelijkheids- en inzittendenverzekering indien het motorvoertuig wordt gebruikt voor dienstreizen
Periode: 1956–1970
Grondslag: Reisbesluit 1956, 24 januari 1956, Stb. 1956/43, art. 5.7
Waardering: V 10 jaar
(244.)
Handeling: Het in geval van twijfel beslissen over de indeling van een dienstreis in één van de in het Reisbesluit genoemde rubrieken
Periode: 1953–1970
Grondslag: Reisbesluit 1952, 23 september 1952, Stb. 1952/478, art. 7.2; Reisbesluit 1956, 24 januari 1956, Stb. 1956/43, art. 6.10
Opmerking Voor de uitvoering van het Reisbesluit 1952 en het Reisbesluit 1956 werden verschillende soorten dienstreizen onderscheiden. Zo kende het Reisbesluit 1956 bijvoorbeeld dagreizen, overnachtingsreizen, functiereizen, detacheringsreizen en nachtreizen.
Waardering: V 10 jaar
(258.)
Handeling: Het verlenen van een tegemoetkoming aan diegene die in het jaar voor de inwerkingtreding van het Reisbesluit binnenland als ambtenaar in de zin van het Reisbesluit 1971 op ten minste 40 dagen tegen vergoeding dienstreizen binnen Nederland heeft ondernomen
Periode: 1993–1997
Grondslag: Reisbesluit binnenland, 1 maart 1993, Stb. 1993/144, art. 19
Waardering: V 10 jaar
- Regeling
- Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Arbeidsvoorwaarden Rijkspersoneel vanaf 1945 (Minister van Buitenlandse Zaken)
- Soort
- Archiefselectielijst
- Geldend vanaf
- 17-10-2007
- BWB-id
- BWBR0022620
- Versie
- 2007-10-17_0