wetzoeker

Artikel 6 Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie

Algemene bepalingen

1 Vatbaar voor erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland zijn:

A. beslissingen, houdende een geldelijke sanctie genomen in een andere lidstaat van de Europese Unie:

1°. bij rechterlijke uitspraak;

2°. bij beschikking;

3°. bij onherroepelijke rechterlijke beslissing genomen in beroep tegen een beschikking.

B. beslissingen tot confiscatie genomen in een andere lidstaat van de Europese Unie en strekkende tot:

1°. betaling van een geldbedrag aan de staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel;

2°. verbeurdverklaring, waarbij de rechter heeft bepaald op welke voorwerpen deze sanctie ten uitvoer moet worden gelegd.

C. confiscatiebevelen.

2 Het eerste lid is van toepassing in het geval de veroordeelde een natuurlijke persoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft dan wel in het geval de veroordeelde een rechtspersoon is, voor zover deze inkomsten of vermogen of zijn statutaire zetel in Nederland heeft, dan wel indien het specifieke voorwerp waarop de beslissing tot confiscatie of het confiscatiebevel betrekking heeft zich op Nederlands grondgebied bevindt.

Regeling
Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging geldelijke sancties en beslissingen tot confiscatie
Afkortingen
WETSS 2008, WWETGC
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0022604
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl