wetzoeker

9. Actorenoverzicht Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Geldvoorziening vanaf 1940 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)

Actoren waarvan de zorg voor het archief onder de Minister van Financiën valt

- Minister van Financiën (1945–)

De Minister van Financiën draagt zorg voor de totstandkoming, wijziging en intrekking van wet- en regelgeving op het terrein van de geldvoorziening. Tevens is de Minister verantwoordelijk voor de coördinatie van het beleid op dat terrein. Jaarlijks brengt hij verslag uit aan ‘Ons’ omtrent de toestand van het Nederlandse muntwezen (tot 1987) of publiceert jaarlijks een door ’s Rijks Muntmeester daarover opgesteld verslag (sinds 1987). Ook beantwoordt de Minister (schriftelijke en mondelinge) vragen van (individuele) leden der Staten-Generaal (de leden der Staten-Generaal hebben recht van interpellatie; daarnaast beschikken zij over een individueel vragenrecht). Tenslotte beantwoordt de Minister vragen van de Commissies voor de Verzoekschriften van de Eerste en Tweede Kamer, en beantwoordt hij vragen van individuele burgers.

Het BSD bevat niet de handelingen met betrekking tot de (voorbereiding op de) invoering van de euro. Sinds 2002 is de Euro het wettig betaalmiddel en heeft het Ministerie van Financiën een andere rol. De regelgeving, ook op het gebied van munten en bankbiljetten, wordt nu door Europa verricht (ECB en EG). De handelingen met betrekking tot de (invoering van de) euro zullen in een actualisatie van het BSD worden opgenomen.

– Secretaris-generaal van het Ministerie van Financiën (1940–1945)

Daar waar verreweg de meeste BSD’s lopen vanaf 1945, begint het BSD Geldvoorziening in 1940. Volgens het ‘Decreet van de Führer over de uitoefening van de regeeringsbevoegdheden in Nederland’ van 18 mei 1940 was Rijkscommissaris Seyss-Inquart belast met het opperste regeringsgezag; als zodanig gerechtigd tot het uitvaardigen van verordeningen met de kracht van wet.

Gedurende de Duitse bezetting – bij afwezigheid van de Minister van Financiën – was de SG van het Ministerie van Financiën belast met de zorg voor de totstandkoming, wijziging en intrekking van wet- en regelgeving, onder gezag van de Rijkscommissaris voor het bezette gebied Nederland.

– Ambtenaren belast met de ontvangsten voor de kassen van openbare lichamen (1948–1987)

Deze actor was belast met het doen van aangiftes bij de officier van justitie in geval van het in handen krijgen van munten, welke vermoed werden vals, vervalst of geschonden te zijn.

– Bankraad (1956–…)

De Bankraad adviseert de Minister van Financiën inzake de vaststelling, wijziging en intrekking van besluiten houdende voorschriften omtrent de begrenzing van het gezamenlijk bedrag der omlopende bankbiljetten, bankassignatiën en creditsaldi in rekening courant bij De Nederlandsche Bank.

– Commissie Bijzondere Muntuitgiften 1987 en 1989 (1986–(…)

De Commissie Bijzondere Muntuitgiften 1987 en 1989 adviseerde de Minister van Financiën over de keuze van beeldenaars van de munt die in 1987 wordt uitgegeven ter gelegenheid van het 50-jarig huwelijksfeest van prinses Juliana en prins Bernhard, alsmede van de munt die in 1989 wordt uitgegeven ter gelegenheid van de herdenking van koning stadhouder Willem III en zijn gemalin koningin Mary Stuart.

– Commissie Bijzondere Muntuitgiften 1990 en 1991 (1989–(…)

De Commissie Bijzondere Muntuitgiften 1990 en 1991 adviseerde de Minister van Financiën over de keuze van de beeldenaars van de munt die in 1990 wordt uitgegeven ter gelegenheid van het feit dat in 1990 het Koninkrijk der Nederlanden 100 jaar ononderbroken door vorstinnen wordt geregeerd, alsmede van de munt die in 1991 wordt uitgegeven ter gelegenheid van het vijfentwintigjarig huwelijksfeest van Koningin Beatrix en Prins Claus.

– Commissie Contouren Numismatisch Beleid (1984)

De Commissie Contouren Numismatisch Beleid adviseerde de Minister van Financiën over de hoofdlijnen van het numismatisch beleid.

– Commissie op de beeldenaar / Verlengde Commissie op de beeldenaar in verband met de Bicentennial-munt (1980–1981/1982–1982)

Deze commissie adviseerde de Minister van Financiën over de keuze van een ontwerp voor het borstbeeld van koningin Beatrix ten behoeve van de voorzijde van ’s Rijks munten. Tevens adviseerde zij over een keuze van een ontwerp voor de afbeelding op de keerzijde van ’s Rijks munten.

– Commissie van advies inzake de beeldenaar (1947–1950)

Van 1947 tot 1950 adviseerde deze commissie de Minister van Financiën inzake de keuze van een ontwerp voor het borstbeeld van koningin Wilhelmina, later koningin Juliana, ten behoeve van de voorzijde van ’s Rijks munten.

– Commissie voor benoeming tot essaieur van ‘rijksmunt of van de controle bij ’s Rijksmunt (1940–1957)

Deze commissie is ingesteld in 1909. Tot 1957 was zij belast met het examineren van hen die voor een benoeming tot essaieur van ’s Rijks Munt of van de controle bij ’s Rijks Munt in aanmerking willen komen. ’s Rijks Muntmeester was lid en voorzitter; de overige (twee) leden werden door de Minister van Financiën benoemd.

– Commissie voor het Muntwezen (1950–1957)

De Commissie voor het Muntwezen onderzocht in opdracht van de Minister van Financiën of nieuw vervaardigde munten aan de wettelijke eisen van gewicht en gehalte voldeden. Dergelijke onderzoeken vonden plaats op verzoek van de Muntmeester, indien deze zich niet kon verenigen met de resultaten van het onderzoek van de ambtenaren der controle van de Munt.

Jaarlijks stelde de commissie een verslag op tbv de Staten-Generaal inzake het onderzoek van nieuw uitgevaardigde en door de Muntmeester goedgekeurde en uitgeleverde munten.

– Muntcommissie 1945 (1945–1949)

De Muntcommissie 1945 adviseerde de Minister van Financiën ten aanzien van de te nemen maatregelen tot zuivering van de bestaande muntcirculatie, de inrichting van de muntcirculatie in de toekomst en de eventuele codificatie van muntvoorschriften.

– Muntcommissie 1968 (1968–1971)

Van 1968 tot 1971 adviseerde deze commissie de Minister van Financiën over de samenstelling van een toekomstige muntreeks.

– ’s Rijksmuntmeester / ’s Rijksmunt (1940–)

’s Rijksmuntmeester is belast met de dagelijkse leiding van ’s Rijks Munt. Hij adviseert de

Minister van Financiën ten aanzien van het muntbeleid. Ook beheert hij het aan ’s Rijks Munt verbonden Muntkabinet en is het zijn taak te beoordelen munten welke vermoed worden vals, vervalst of geschonden te zijn. ’s Rijksmuntmeester doet uitspraak in geschillen van allooi en essaai, en treedt op als getuige deskundige in rechtszaken. Jaarlijks stelt hij ten behoeve van de Minister een verslag op omtrent de werkzaamheden aan ’s Rijks Munt en de toestand van het Nederlandse muntwezen.

’s Rijksmunt is belast met het munten en ontmunten van in de wet voorziene muntdenominaties. Tot 1982 was ’s Rijksmunt gerechtigd tot het slaan van gouden munten ten behoeve van particulieren. Onder door de Minister vastgestelde voorwaarden is hij gerechtigd tot het slaan van munten voor buitenlandse mogendheden.

– Werkgroep Privatisering ’s Rijksmunt (1988–1989)

Zoals de naam al aangeeft, adviseerde deze werkgroep de Minister van Financiën over de mogelijkheden van de activiteiten van ’s Rijksmunt.

Overige actoren

Actoren waarvan de zorg voor het archief onder de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties valt

– Minister van Koloniën / Minister zonder portefeuille / Minister voor Uniezaken en Overzeese Rijksdelen ( 1940–(1962)

Deze Minister was betrokken bij de totstandkoming, wijziging en intrekking van wet- en regelgeving op het terrein van het ‘geldwezen’ voor zover het Nederlands-Indië en, later, Nieuw-Guinea betreft.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Geldvoorziening vanaf 1940 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
10-10-2007
BWB-id
BWBR0022581
Versie
2007-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl