wetzoeker

10.1.4. Zilverbons. Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Geldvoorziening vanaf 1940 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)

N.B. zie ook paragraaf 10.1.1 Algemene handelingen

[140]

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van wetgeving inzake de uitgifte en circulatie van zilverbons en muntbiljetten.

Periode: 1940–

Grondslag: Grondwet, art. 178 en 179; sinds 148 art. 184 en 185; sinds 1972 art. 191 en 192; sinds 1983 art. 106

Opmerking; Voor een overzicht van de wetten zie hfst. 6 van het RIO.

Waardering: B (1)

[141]

Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van beleidsnota’s inzake de uitgifte en circulatie van zilverbons en muntbiljetten.

Periode: 1940–

Product: Beleidsnota’s

Opmerking: Het opstellen van beleidsnota’s is als zodanig niet in de grondwet opgenomen. Het maakt echter deel uit van de voorbereiding van de totstandkoming van wet- en regelgeving.

Waardering: B (1)

[144]

Handeling: Het uitgeven en intrekken van muntpapier onder de naam van zilverbons.

Periode: 1940–

Grondslag: Wet tot uitgifte van zilverbons, art. 1; art. 2; art. 8

Produkt; Zilverbons

Opmerking: De zilverbons kregen de hoedanigheid van wettig betaalmiddel.

Waardering: V, 5 jaar na produktie/intrekking

[145]

Handeling: Het vaststellen, wijzigen en intrekken van besluiten tot vaststelling van de vorm en de hoeveelheid van elk soort der uit te geven zilverbons alsmede tot het intrekken van zilverbons.

Periode: 1940–

Grondslag: Wet tot uitgifte van zilverbons, art. 1; art. 2

Product: Ministeriële regelingen, o.a.

– Besluit van den secretaris-generaal van het departement van Financiën van 16 juni 1943, Stcrt. Nr. 115, tot nadere vaststelling van het bedrag waarvoor zilverbons kunnen worden uitgegeven (N.B. Op grond van par. 1 van Verordening Nr. 23/1940, en in overeenstemming met par. 2 en 3 van verordening nr. 3/1940).

– Besluit van den secretaris-generaal van het departement van Financiën van 28 juli 1943, Stcrt. Nr. 145, tot nadere wijziging van de Koninklijke Besluiten van 31 maart 1915, Stb. 174, en van 22 april 1916, Stb. 168, o.m. betreffende den uiterlijken vorm voor zilverbons van twee en een halven gulden en van een gulden, zulks in verband met papierschaarste.

Waardering: B (5)

[146]

Handeling: Het opstellen van maandelijkse overzichten van het bedrag der uitgegeven zilverbons, ter publicatie in de Staatscourant.

Periode: 1940–

Grondslag: Wet tot uitgifte van zilverbons, art. 3

Producten: Maandoverzichten

Waardering: B (3)

[147]

Handeling: Het verlenen van machtigingen tot het inwisselen van onbruikbaar geworden, maar nog kenbare zilverbons tegen nieuwe.

Periode: 1940–

Grondslag: Wet tot uitgifte van zilverbons, art. 5

Producten: Machtigingen, beschikkingen

Waardering: V, 10 jaar na verlening

[148]

Handeling: Het ter vernietiging naar de Algemene Rekenkamer overbrengen van ingetrokken zilverbons (welke op een door de Minister van Financiën aan te geven en in de Staatscourant bekend te maken wijze van een kenteken van onwaarde zijn voorzien – bij art. 2 van de wet van 1918 aan art. 6 van de wet van 1914 toegevoegd) en het opstellen van maandelijkse overzichten van de overgebrachte zilverbons, ter publicatie in de Staatscourant.

Periode: 1940–

Grondslag: Wet tot uitgifte van zilverbons, art. 6; gewijzigd in 1918, Stb. 782.

Producten: Maandoverzichten

Waardering: B (5)

[150]

Handeling: Het vaststellen van regels (gehoord de directie der Bank) waaronder De Nederlandsche Bank kosteloos haar hulp en medewerking verleent bij de intrekking van muntbiljetten.

Periode: 1940–1948

Grondslag: Bankwet 1937, art. 15

Product: Ministeriële regelingen

Waardering: V, 10 jaar na intrekking/vervallen

[151]

Handeling: Het geven van voorschriften voor het verrichten van werkzaamheden die met de uitgifte van zilverbons in verband staan, met name voor wat betreft het registreren der stukken en het oefenen van controle.

Periode: 1940–

Grondslag: Besluit van den 6den augustus 1914, Stb. 378, houdende vaststelling van den uiterlijken vorm en van de hoeveelheid van elk soort der uit te geven zilverbons, art. 3

Product: Voorschriften, Ministeriële regelingen

Waardering: B (5)

[152]

Handeling: Het naar gelang van behoefte uitgeven van biljetten aan toonder met een waarde van fl. 0,50 en hoger, welke de houder het recht geven van een vordering op de Staat der Nederlanden tot het op het biljet uitgedrukte bedrag in Nederlandse guldens.

Periode: 1943–(…)

Grondslag: Besluit van 4 februari 1943, Stb. D 67, betreffende uitgifte van biljetten aan toonder als nieuw betaalmiddel van het Rijk in Europa, art. 1–3; Gewijzigd bij Besluit van 24 juni 1943, Stb. D 68; Besluit van 9 maart 1945, Stb. F 34; Besluit van 18 mei 1945, Stb. F 80 (vaststelling van het bedrag tot hetwelk biljetten aan toonder mogen worden uitgegeven)

Product: Biljetten aan toonder

Opmerking;b De biljetten zijn wettig betaalmiddel.

Waardering: V, 5 jaar na uitgifte

[153]

Handeling: Het bepalen van de koers van buitenlandse deviezen waartegen biljetten aan toonder in betaling worden genomen en het stellen van regels voor de beschikbaarstelling van dergelijke deviezen.

Periode: 1943–(…)

Grondslag: Besluit van 4 februari 1943, Stb. D 67, betreffende uitgifte van biljetten aan toonder als nieuw betaalmiddel van het Rijk in Europa, art. 4; Gewijzigd bij Besluit van 24 juni 1943, Stb. D 68; Besluit van 9 maart 1945, Stb. F 34; Besluit van 18 mei 1945, Stb. F 80 (vaststelling van het bedrag tot hetwelk biljetten aan toonder mogen worden uitgegeven)

Product: Ministeriële regelingen

Waardering: B (5)

[154]

Handeling: Het vaststellen van regelingen waarbij bepaald wordt dat de wettige betaalmiddelen, in Nederland gangbaar voor en tijdens de Duitse bezetting, ingewisseld kunnen worden tegen biljetten aan toonder, tegen een door de Minister van financiën te bepalen koers.

Periode: 1943–(…)

Grondslag: Besluit van 4 februari 1943, Stb. D 67, betreffende uitgifte van biljetten aan toonder als nieuw betaalmiddel van het Rijk in Europa, art. 5; Gewijzigd bij Besluit van 24 juni 1943, Stb. D 68; Besluit van 9 maart 1945, Stb. F 34; Besluit van 18 mei 1945, Stb. F 80 (vaststelling van het bedrag tot hetwelk biljetten aan toonder mogen worden uitgegeven)

Product: Ministeriële regelingen

Waardering: B (5)

[155]

Handeling: Het stellen van nadere voorschriften inzake de uitgifte, de inwisseling en de intrekking van biljetten aan toonder.

Periode: 1943–(…)

Grondslag: Besluit van 4 februari 1943, Stb. D 67, betreffende uitgifte van biljetten aan toonder als nieuw betaalmiddel van het Rijk in Europa, art. 6; Gewijzigd bij Besluit van 24 juni 1943, Stb. D 68; Besluit van 9 maart 1945, Stb. F 34; Besluit van 18 mei 1945, Stb. F 80 (vaststelling van het bedrag tot hetwelk biljetten aan toonder mogen worden uitgegeven)

Product: Ministeriële regelingen, o.a.

– Beschikking van 13 maart 1950, Nr. 82, Stcrt. 9 mei 1950, Nr. 89 (Uitgifte nieuwe muntbiljetten van fl. 1).

– Beschikking van 16 juni 1952, Nr. 139, Stcrt. 19 juni 1952, Nr. 117 (Uitgifte nieuwe muntbiljetten van fl. 2, 50).

– Beschikking van 25 oktober 1966, Nr. A6/13717, Stcrt. 1 november 1966, Nr. 212 Nummering muntbiljetten van fl. 2,50 / uitgave nieuwe serie).

– Ministerieel Besluit van 16 september 1987, Stcrt. 185, houdende regels met betrekking tot de intrekking en uitwisseling van muntbiljetten.

Waardering: B (5)

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Geldvoorziening vanaf 1940 (Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
10-10-2007
BWB-id
BWBR0022581
Versie
2007-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl