wetzoeker

Primaire zorgdrager (deel 1) Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Regionaal en Ruimtelijk Economisch Beleid 1945– (Minister van Verkeer & Waterstaat)

Minister van Economische Zaken

In 1973, bij het ontstaan van het Directoraat-generaal voor de Prijzen, Ordeningenvraagstukken en Regionaal Beleid, krijgt het Regionaal Economisch Beleid voor het eerst een eigen benaming. De verantwoordelijke directie houdt zich op dit moment bezig met de volgende onderwerpen, waarvoor in de meeste gevallen projecten zijn opgestart:

– Gebiedsgerichte Economische Perspectieven;

– Bedrijventerreinen;

– Grotestedenbeleid;

– Regionale aangelegenheden( o.a. Europese Structuurfondsen, de Investerings Premie Regeling, Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen e.d.);

– Toerisme;

– Mainports en bereikbaarheid;

– Kamers van Koophandel.

Daarnaast heeft het Ministerie van economische Zaken een netwerk van regiokantoren. Deze kantoren dragen het EZ-beleid uit in de regio en hebben de zorg voor evenwichtige coördinatie en integratie in de provinciale en gemeentelijke beleids- en planvorming. Tevens houden ze zich bezig met het terugkoppelen van regionale ontwikkelingen naar de beleidsvorming van de directie.

In crisistijd mandateert de Minister van EZ bepaalde bevoegdheden regionaal aan een economisch commissaris. Deze functionaris is per regio de secretaris van de desbetreffende KvK. De economisch commissaris heeft geen eigen bevoegdheden, maar oefent die uit namens de Minister van EZ. Daarom ook zijn de economische commissarissen zelf geen actor. Wanneer regionale ontwikkelingen worden opgemerkt die tot een crisis zouden kunnen leiden, neemt de economisch commissaris contact op met het Ministerie van Economische Zaken. Verder neemt hij deel aan het overleg met provinciale autoriteiten over crisisbeheersingsmaatregelen.

4 Ministerie van Economische Zaken, Handboek crisisbeheersing EZ (Den Haag 1999) p. 29.

Wanneer een provinciaal of regionaal Crisiscentrum wordt geactiveerd, maakt de economisch commissaris hier vanaf het begin deel van uit, ook al wordt de economische veiligheid niet bedreigd. Wanneer er echter sprake is van een afgesloten gebied en er geen contact kan plaats hebben tussen de Minister van Economische Zaken en een bepaalde regio, gaan automatisch alle bevoegdheden van de Minister van Economische Zaken uit de bovenstaande wetten over op de economisch commissaris.

Adviescommissie inzake STiREA aanvragen

In 1996 werd de Stimuleringsregeling Ruimte voor Economische Activiteit in het leven geroepen (Stb.1996, 161). STiREA was aangekondigd in de nota ‘Ruimte voor Regio’s’ en is onderdeel van het beleid dat is gericht op het tijdig reserveren van voldoende bedrijventerreinen op de juiste plaats. De regeling heeft tot doel gemeenten te stimuleren om bedrijventerreinen aan te leggen of te vernieuwen. Na advies van de provincies en de Adviescommissie STiREA, kent de Staatssecretaris van Economische Zaken de subsidies toe.

Begeleidingscommissie Perspectievennota Zuid-Limburg (PNL), 1978–1990

De Begeleidingscommissie werd ingesteld na de aanvaarding van de PNL in 1978. Het was een overleg- en uitvoeringsorgaan van de provincie Limburg en het rijk ter besteding van in het kader van de PNL-gereserveerde gelden. Zij werd voorgezeten door een ambtenaar van het Ministerie van Economische Zaken, dat ook het secretariaat beheerde. De commissie stelde om de vijf jaar de planning bij die in de PNL werd voorzien. In haar jaarverslag deed zij aanbevelingen tot wijziging van de plannen. Daarnaast begeleidde zij de aanvragen van uit te voeren projecten met adviezen aan de Ministeriële (Contact)Commissie Regionaal Beleid. De commissie hield op 17 december 1990 op te bestaan.

Coördinatiecommissie Perspectievennota Zuid-Limburg (PNL), 1974–1978

De commissie, ingesteld in 1974, was het overlegorgaan tussen het rijk en de provincie Limburg ter voorbereiding van de Perspectievennota Zuid-Limburg. Zij had de bevoegdheid werkgroepen in te stellen, die, door middel van onderzoek, oplossingen probeerden te vinden voor vraagstukken die waren ontstaan na de mijnsluitingen in deze regio. Bij de vaststelling van de nota in 1978 werd ze na het voltooien van haar taak opgeheven.

Hoofdcommissie voor de Industrialisatie

Dit is een door de Minister van Economische Zaken ingesteld onderzoeks- en adviesorgaan met als hoofdtaak het bevorderen van de industrialisatie van Nederland. Binnen deze commissie wordt werk verricht door een Monitoringscommissie Regionaal Subsidiebeleid, die werkzaam was in de periode 1950–1958. Het regionaal economisch beleid viel rond 1950 onder het Directoraat-generaal voor Industrialisatie. Vanaf 1958 werd het regionaal beleid volledig los gezien van het industrialisatiebeleid.

Ministeriële Contactcommissie Regionaal Economisch Beleid, 1974–1983

Ministeriële Commissie voor Regionaal Beleid (MCRB), 1983–

Interdepartementale Commissie voor Regionaal Beleid (ICRB), 1983–

De taak van de commissie is het bewerkstelligen van besluiten op grond van aanvragen van projecten in het kader van het Integraal Structuurplan voor het Noorden des Lands en de Perspectievennota Zuid-Limburg. Meestal is voor een dergelijk besluit het fiat van verschillende departementen nodig. De Ministeriële contactcommissie wordt voorgezeten door de Minister van Economische Zaken. De commissie heeft uiteindelijk arbitraire beslissingsbevoegdheid voor het geval dat de afzonderlijke departementen niet in staat zijn om een consensus te bereiken.

In 1983 werd de commissie vervangen door een onderraad van de Ministerraad. De nieuwe commissie, de Ministeriële Commissie voor Regionaal Beleid (MCRB), wordt voorgezeten door de Minister-President. Zij bereidt de beraadslagingen voor van de Ministerraad.

Het tegelijkertijd ingestelde ambtelijk voorportaal van dit orgaan is de Interdepartementale Commissie voor Regionaal Beleid (ICRB), dat wordt voorgezeten door een ambtenaar van het Ministerie van Economische Zaken. De ICRB is ingesteld bij beschikking (nr. 638/840) van 23 juni 1983 van de Minister van Economische Zaken. Deze interdepartementale commissie is het ambtelijk voorportaal van de (ad hoc) Ministeriële Commissie voor het Regionaal Beleid (MCRB). De ICRB heeft als taken de voorbereiding van de besluitvorming in de Ministerraad inzake het Regionaal Beleid en het adviseren van de Minister van Economische Zaken op het terrein van het sociaal-economische problematiek van de grote steden.

Fonds voor Economische Structuurversterking (FES), 1993–

Het FES is een beheersfonds dat is gevormd uit de aardgasbaten en wordt ook wel het Aardgasbatenfonds genoemd. Het kreeg een wettelijke status als afzonderlijk begrotingsfonds overeenkomstig art. 2 van de Comptabiliteitswet 1995. De Ministers van Economische Zaken en van Financiën beheren de begroting van het fonds.

Interdepartementale Commissie voor Economische Structuur(versterking) (ICES), 1993–

Deze commissie werd in 1993 ingesteld na de vorming van het Fonds Economische Structuurversterking. Door middel van openbare adviezen geeft ze aan welke investeringen nodig zijn voor een economische structuurversterking, in het bijzonder op het gebied van verkeer en vervoer, vitaliteit van de steden, ruimtelijk economisch beleid, milieu en kennis. De ICES werkt samen met particuliere instellingen zoals bijvoorbeeld het Nederlands Economisch Instituut en het CBS.

Ministeriële Commissie voor het Integraal Structuurplan voor het Noorden des Lands (ISP), 1971–

Deze commissie wordt voorgezeten door het Ministerie van Economische Zaken en heeft vaste leden uit de Ministeries belast met:

– Financiën;

– Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;

– Maatschappelijk Werk;

– Binnenlandse Zaken;

– Sociale Zaken;

– Landbouw;

– Volksgezondheid;

– Milieuhygiëne.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Regionaal en Ruimtelijk Economisch Beleid 1945– (Minister van Verkeer & Waterstaat)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
07-10-2007
BWB-id
BWBR0022560
Versie
2007-10-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl