wetzoeker

2.4.4 Onderzoeksraad voor veiligheid Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen Onderzoeksraad voor Veiligheid en zijn directe voorgangers beleidsterrein Brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing vanaf 1999

In de jaren negentig won het inzicht veld dat een onafhankelijke instantie die onderzoek naar ongevallen verricht, daarvoor een nuttige functie zou vervullen. In april 1998 is door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een studie in gang gezet naar de relevante aspecten van onafhankelijk onderzoek die buiten de terreinen van de Raad voor de Transportveiligheid en de beoogde Ongevallenraad Defensie vallen. Dit gebeurde mede naar aanleiding van een advies van het toenmalige College Bevordering Veiligheidseffectstudies onder voorzitterschap van mr. Pieter van Vollenhoven. In mei 1999 werd deze verkenning verbreed en is ook het door genoemde raden bestreken terrein in de studie betrokken.

In 2000 werd de studie door KPMG afgerond. Aanbevolen werd om naast de Raad voor Transportveiligheid en de beoogde Ongevallenraad Defensie een extra orgaan in het leven te roepen. Verder werd een samenwerkingsverband tussen de drie organen aanbevolen, dat na enkele jaren geëvalueerd moest worden om te kijken of een overkoepeling zinvol zou zijn. Het College Bevordering Veiligheidseffectstudies boodt 11 mei 2000 haar advies uit over de studie aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, waarin het college de voorkeur gaf aan één raad i.p.v. drie organen. Twee dagen later ontplofte de vuurwerkfabriek in Enschede.

De Minister en de staatssecretaris van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties deelden de Tweede Kamer mee dat het kabinet besloten had de aanbevelingen van KPMG op te volgen. Daarop volgden twee moties. Eén van Wagenaar c.s, die pleitte voor één onafhankelijke onderzoeksraad. Eén van Van den Doel c.s., waarbij in de nieuwe ongevallenraad uitdrukkelijk rekening gehouden zou worden met de specifieke positie van defensie en speciale voorzieningen te treffen voor die onderzoeken waarbij de staatsveiligheid in het geding is. In januari 2001, ná de cafébrand in Volendam van 1 januari 2001, besloot het Kabinet beide moties uit te voeren. Met ingang van 1 februari 2005 is de Onderzoeksraad voor veiligheid in werking getreden.

De inkomsten van de rechtspersoon OvV bestaan uit een jaarlijkse bijdrage ten laste van de begroting voor het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

7 Rijkswet Onderzoeksraad voor Veiligheid, artikel 19.

De OvV legt wat betreft de begroting en het financieel beheer verantwoording af aan de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Bij de RvTV was dit de Minister van Verkeer en Waterstaat.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen Onderzoeksraad voor Veiligheid en zijn directe voorgangers beleidsterrein Brandweerzorg, rampenbestrijding en crisisbeheersing vanaf 1999
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
01-08-2007
BWB-id
BWBR0022279
Versie
2007-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl