wetzoeker

3.2.3 Organisatie van de toelatingen vanaf 1993 Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gewasbescherming vanaf 1953 (College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen )

Met ingang van 1 januari 1993 werd het College voor de toelating van bestrijdingsmiddelen (CTB) ingesteld. Daarmee werden de ambtelijke commissie (Commissie Toelating Bestrijdingsmiddelen) en het Bureau Bestrijdingsmiddelen opgeheven. Het college kreeg de taak om zelfstandig beslissingen over toelating van bestrijdingsmiddelen te nemen aan de hand van het door de betrokken bewindslieden vastgestelde toelatingsbeleid. Dit gebeurde vooralsnog op basis van gemandateerde bevoegdheid. Met de instelling van het college werd al vooruitgelopen op de wettelijke verzelfstandiging ervan.

De administratieve ondersteuning en wetenschappelijke voorbereiding werden vanaf 1993 uitgevoerd door het CTB-secretariaat, dat de taken van het voormalige Bureau Bestrijdingsmiddelen overnam. Medio 1994 betrok het CTB het pand aan de Stadsbrink te Wageningen.

Per 1 januari 2000 is het CTB verzelfstandigd en is het werkzaam als publiekrechtelijk Zelfstandig Bestuursorgaan (ZBO) met een eigen rechtspersoonlijkheid. College en secretariaat treden naar buiten als eenheid op.

De leden van het college hebben op persoonlijke titel zitting en oefenen hun functie uit ‘zonder last of ruggespraak’. De benoeming geschiedt op basis van deskundigheid.

Op 31 mei van dat jaar vond de startbijeenkomst plaats, in aanwezigheid van de staatssecretaris van het Ministerie van LNV. Tegelijk met de verzelfstandiging werd ook een bezwaarschriftencommissie ingesteld, die het CTB adviseert over te nemen beslissingen. Ook een eigen klachtenreglement maakte vanaf 2000 deel uit van de aan het CTB ter beschikking staande instrumentarium.

De minister van LNV is, samen met de ministers van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM), Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en Sociale zaken en werkgelegenheid (SZW), verantwoordelijk voor de toelating van bestrijdingsmiddelen. Sinds de verzelfstandiging van het CTB in 2000 vervult het ministerie van LNV een coördinerende rol in het overleg tussen de ministeries over het beleid en de aansturing van het CTB. Er zijn hiervoor in de praktijk vier overlegstructuren:

– bewindsliedenoverleg;

– 4DG-overleg: overleg tussen directeuren-generaal van de betrokken ministeries;

– interdepartementale Stuurgroep Bestrijdingsmiddelenbeleid, met daarin de hoofden van de vier departementsafdelingen die zich bezighouden met het toelatingsbeleid; ook de secretaris van het CTB maakt als adviseur deel uit van deze stuurgroep, terwijl het ministerie van VenW ook wordt uitgenodigd; aan de stuurgroep is mandaat gegeven om namens de bewindslieden het CTB aan te sturen;

– het ‘voorportaal’: bedoeld om de werkorganisatie van de stuurgroep te stroomlijnen en meer voorbereidende werkzaamheden voor de stuurgroep te laten verrichten; ook hierbij is het CTB adviserend betrokken en ook hiervoor wordt VenW uitgenodigd.

De Algemene Rekenkamer concludeerde in 2002 dat de overlegstructuren voor de aansturing van het CTB niet duidelijk zijn.

Toezicht wordt uitgeoefend door een interdepartementale Commissie van Toezicht, die pas twee jaar na de verzelfstandiging van het CTB werd ingesteld. Deze commissie heeft de volgende taken

– het toezien op de uitvoering van de bestrijdingsmiddelenwetgeving en van algemene aanwijzingen van de ministers;

– het bewaken van een juiste en doelmatige besteding door het CTB van zijn inkomsten;

– het bewaken van de kwaliteit van, het vertrouwen in en de stabiliteit van de taakuitvoering door het CTB;

– het toezien op de naleving door het CTB van tussen de ministers enerzijds en het CTB anderzijds gemaakte afspraken over aangelegenheden als hierboven genoemd.

De toezichthouder moet jaarlijks een verslag van de bevindingen aanbieden aan de betrokken bewindslieden, met een afschrift aan het CTB.

Met het oog op de aansturing, de verantwoording en het toezicht dient het CTB de volgende informatie aan de ministers te leveren:

– werkplan;

– begroting;

– jaarrekening;

– jaarverslag;

– specifieke inlichtingen i.v.m. uitvoering van de Bestrijdingsmiddelenwet 1962;

– informatie nodig voor de doelmatigheidscontrole;

– kwartaalrapportages.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gewasbescherming vanaf 1953 (College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen )
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
26-07-2007
BWB-id
BWBR0022257
Versie
2007-07-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl