wetzoeker

2.3.1 Staatsbosbeheer als dienst van LNV Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Natuur- en landschapsbeheer vanaf 1998 (Staatsbosbeheer)

Staatsbosbeheer is in 1899 opgericht om de Nederlandse staatsbossen te beheren en nieuwe bossen aan te leggen. De ontginning van ‘woeste grond’ stond hoog op de politieke agenda. Staatsbosbeheer werd verantwoordelijk voor bosbouw op grond die niet geschikt was voor landbouw. Er was een grote vraag naar hout en Nederland was ernstig ontbost. Bosbouw beloofde een goede investering te zijn, die bovendien de verstuivingen van zandgronden zou inperken.

In de eerste dertig jaar van zijn bestaan bracht Staatsbosbeheer het bos in Nederland weer op peil. In samenwerking met de Nederlandse Heidemaatschappij legde Staatsbosbeheer productiebossen aan in monocultuur, ook als werkverschaffingsproject in de crisistijdtijd. Na de tweede wereldoorlog herstelde Staatsbosbeheer de schade die door houtroof voor de Duitse oorlogsindustrie en door oorlogshandelingen was ontstaan.

In de jaren zestig daalde de vraag naar hout en kon Nederland niet meer concurreren met houtproducenten in het buitenland. Veranderingen in het denken over natuur en milieu leidden tot groeiende kritiek op productiebossen. Aan het begin van de jaren 1970 maakte ernstige stormschade bovendien duidelijk hoe kwetsbaar grote percelen bos in monocultuur zijn. Staatsbosbeheer richt zich sindsdien op de ontwikkeling van natuurlijk, gemengd bos met bomen van verschillende leeftijden. Dergelijke bossen zijn gezondere ecosystemen, die aan verschillende behoeften voldoen. Ze bieden recreatiemogelijkheden, zuiveren de lucht, hebben landschappelijke waarde en zijn een natuurlijke woonomgeving voor talrijke soorten planten en dieren.

In de loop van de twintigste eeuw is het takenpakket van Staatsbosbeheer uitgebreid.

In 1928 werd natuurbescherming officieel een tweede taak van Staatsbosbeheer. Ook buiten de eigen terreinen beschermde Staatsbosbeheer natuurgebieden en adviseerde lokale overheden, natuurverenigingen en particulieren over natuurbehoud. Bosbeheer en natuurbescherming groeiden naar elkaar toe en zijn sinds de jaren 1980 geïntegreerd in ‘terreinbeheer’.

In die tijd veranderde ook het denken over natuurbeheer in Nederland. Het defensieve beschermen en behouden van natuur maakte plaats voor een offensiever aanpak: natuurherstel en natuurontwikkeling.

Vanaf de jaren 1950 steeg de welvaart en groeide de recreatie explosief. Recreatieve voorzieningen treffen en de groeiende stromen bezoekers in goede banen leiden werd de vierde belangrijke taak van Staatsbosbeheer. Staatsbosbeheer adviseert daarin ook natuurbeschermingsorganisaties, gemeenten, provincies en particuliere eigenaren van bos en natuur. Waar nodig beschermt Staatsbosbeheer de natuur tegen (te veel) mensen. Maar het uitgangspunt is dat de terreinen voor alle Nederlanders zijn en zo veel mogelijk worden opengesteld. Alleen zo ontstaat draagvlak voor natuurbeheer en -ontwikkeling en bewustzijn van de waarden van natuur en landschap.

Naarmate het onderscheid tussen bos, natuur en landschap in de loop van de twintigste eeuw vervaagde, zijn de vier oorspronkelijke hoofdtaken van Staatsbosbeheer steeds meer geïntegreerd. Inspelend op de maatschappelijke actualiteit heeft Staatsbosbeheer zijn decennialange ervaring ingezet voor beheer en ontwikkeling van multifunctionele natuur. Een gevarieerd gebruik van ruimte heeft een veelzijdig beheer noodzakelijk gemaakt.

Begonnen als staatsbosbouwer heeft de ‘rijksdienst’ zich ontwikkeld tot een zelfstandige, publieke organisatie voor integraal natuurbeheer en -ontwikkeling.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Natuur- en landschapsbeheer vanaf 1998 (Staatsbosbeheer)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
28-06-2007
BWB-id
BWBR0022120
Versie
2007-06-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl