wetzoeker

Ontwikkelingen op het gebied van de wetten voor Oorlogsgetroffenen Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Oorlogsgetroffenen vanaf 1945 (Stichting Afwikkeling Maror-gelden Overheid)

Na 1990 kan gesproken worden van een groeiend aantal personen dat een beroep op een van de wetten (WBP, WUV, WUBO en WIV) voor Oorlogsgetroffenen doet. Dit heeft enerzijds te maken met het gegeven dat velen die als jongvolwassene de oorlog hebben meegemaakt de pensioengerechtigde leeftijd bereikten en toen pas geconfronteerd werden met hun oorlogsverleden. Anderzijds nam het aantal aanvragen ook toe omdat de voorlichting via de PUR verbeterde en de overheid wetenschappelijk onderzoek naar bepaalde groepen oorlogsgetroffenen, waar weinig over bekend was, liet uitvoeren. Een belangrijke rol bij het informeren van de oorlogsgetroffenen over de bestaande wetten heeft naast de PUR ook de in 1980 opgerichte Stichting ICODO (Informatie- en Coördinatieorgaan Dienstverlening Oorlogsgetroffenen) gespeeld door het verzorgen van publicaties, het uitgeven van het tijdschrift ICODO INFO (1983) en de juridische uitgave Oorlogsgetroffenen en Recht (vanaf 1991).

Het beleid ten aanzien van de WUBO werd in de onderhavige periode verruimd. Steeds meer groepen oorlogsgetroffenen werden na juridische aanpassingen van de wet onder de WUBO gebracht. Genoemd kunnen worden de verruiming voor Nederlandse ex-dwangarbeiders die door de Duitse bezetter gedwongen werden om in Duitsland te gaan werken en voor Nederlanders die in Indië de bersiap- en revolutietijd hebben meegemaakt. Eerder was dat vooral problematisch voor de laatst genoemde groep omdat weinig bekend was over hun lotgevallen na de capitulatie van Japan in augustus 1945. Pas in het begin van de jaren negentig werd systematisch onderzoek gedaan naar de Republikeinse kampen waar veel Nederlanders in Indië in geïnterneerd werden door de Indonesiërs in de periode 1945–1947

3 Een eerste overzicht van deze kampen werd samengesteld door Stuldreher, C.J.F. De extremistenkampen van de Republiek Indonesië in De Gids 151 (1988). P. 825–830.

. De WUV werd daarentegen na jarenlange discussies in 1994 gesloten voor de tweede generatie, dat wil zeggen dat aanvragers die tot de tweede generatie behoorden niet langer als vervolgde werden aangemerkt en alleen aanspraak konden maken op immateriële hulpverlening.

Van de hausse van aanvragen in de jaren negentig hebben ook de (belangen)organisaties die betrokken zijn bij de uitvoering van de wetten voor oorlogsgetroffenen de gevolgen ondervonden. Uitbreiding van personeel, vooral rapporteurs voor het opstellen van sociale rapportages en maatschappelijk werkers, bleek noodzakelijk. Deze organisaties, Stichting 1940–1945, Stichting Pelita, Stichting joods Maatschappelijk werk en de Stichting Burgeroorlogsgetroffenen zien zich sinds het drastisch teruglopen van de aanvragen (vanaf 2000) gedwongen hun werkzaamheden steeds verder af te bouwen en de taken die ze nog hebben op dit gebied over te dragen aan andere instanties. Zo fuseerde de Stichting Burgeroorlogsgetroffenen per 1 januari 2002 met de Stichting 1940–1945 en startte de PUR in de loop van 2003 besprekingen met de Sociale Verzekeringsbank (SVB) om na te gaan of en onder welke voorwaarden te zijner tijd de taken van de PUR aan de SVB kunnen worden uitbesteed. Op 3 januari 2005 is de Stichting Cogis, een samenwerkingsverband van Stichting Centrum ’45, Stichting Sinaï Centrum en ICODO, van start gegaan als nieuw landelijk kenniscentrum voor vervolging, oorlog en geweld. In dit centrum worden de functies deskundigheidsbevordering, onderzoek en voorlichting op het terrein van de hulpverlening aan slachtoffers van oorlog en geweld samengebracht

4 Voortgangsrapportage beleid voor oorlogsgetroffenen van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, mevr. C. Ross-van Dorp (2004).

.

Regeling
Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Oorlogsgetroffenen vanaf 1945 (Stichting Afwikkeling Maror-gelden Overheid)
Soort
Archiefselectielijst
Geldend vanaf
26-05-2007
BWB-id
BWBR0021872
Versie
2007-05-26_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl