wetzoeker

Artikel 8 Warenwetbesluit tatoeëren en piercen

Veilig tatoeëren en piercen

1 Een ondernemer wordt bij controle, dan wel ter gelegenheid van het onderzoek dat plaatsvindt in het kader van de vergunningaanvraag door een met het toezicht op de naleving van dit besluit belaste ambtenaar, vóóraf door die ambtenaar in de gelegenheid gesteld te kennen te geven of voor die ruimte gewerkt wordt volgens een aangewezen veiligheidscode als bedoeld in artikel 7.

2 Een ondernemer die te kennen heeft gegeven te werken volgens een aangewezen veiligheidscode:

a. voldoet aan de bij of krachtens artikel 6 gestelde voorschriften indien hij heeft gehandeld volgens de voorschriften in die veiligheidscode die daarop betrekking hebben;

b. dient, indien hij niet volgens de voorschriften in die veiligheidscode blijkt te hebben gehandeld, alsnog ten overstaan van de in het eerste lid bedoelde ambtenaar, aannemelijk te maken dat zijn bedrijfsvoering en de door hem gehanteerde werkwijze voldoen aan de bij of krachtens artikel 6 gestelde voorschriften.

3 Een ondernemer die te kennen heeft gegeven niet te werken volgens een aangewezen veiligheidscode, dient ten overstaan van de in het eerste lid bedoelde ambtenaar, aannemelijk te maken dat zijn bedrijfsvoering en de door hem gehanteerde werkwijze voldoen aan de bij of krachtens artikel 6 gestelde voorschriften.

Regeling
Warenwetbesluit tatoeëren en piercen
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-01-2022
BWB-id
BWBR0021605
Versie
2022-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl